TOTUS TUUS, MARIA!

DE VRUCHTEN DER ILLUSIE

Onderrichting van de Allerheiligste Maagd Maria
over de pogingen van de satan om de wereld te beheersen

door Myriam van Nazareth

De satan inspireerde reeds de eerste mensenzielen Adam en Eva tot de gedachte dat, wanneer zij zijn inspiratie zouden volgen, zij aan God gelijk zouden worden. Zijn opzet was een succes: De eerste mensenzielen begingen de erfzonde der ongehoorzaamheid jegens Gods Voorschriften. Sedertdien heeft de satan niet opgehouden, de zielen op gelijkaardige wijzen te inspireren tot handelingen, woorden, gedachten, gevoelens, verlangens en bestrevingen die niet in overeenstemming zijn met Gods Wet.

De mensenzielen vormen de inzet van de verbeten strijd die de satan sedert zijn verbanning uit de Hemel tegen God Zelf voert: God wil elke ziel bij Zich in de Eeuwige Gelukzaligheid, via de verdiensten die zij zich kan verwerven door haar leven te leiden in zuivere dienst aan de vervulling van de Goddelijke Wet en aan de verwezenlijking van Gods Werken en Zijn Heilsplan voor de hele Schepping. De satan daarentegen wil de ziel van God wegtrekken. De ziel die zich van God afsnijdt en die verzuimt om haar spontane bijdrage te leveren tot de verwezenlijking van Zijn Werken en Plannen, verliest geleidelijk het Ware Leven, het Goddelijk Leven, en levert zichzelf uit aan de onomkeerbare dood.

De strategieën die de satan toepast om de mensenzielen van God weg te trekken, zijn in wezen nooit veranderd. Hij spiegelt de zielen illusies van welbevinden voor, door hun denken, voelen en verlangen zoveel mogelijk op het bevredigen van de belangen van het werelds (stoffelijk) leven en van hun eigen (al dan niet vermeende) behoeften te richten. De ontelbare toegevingen vanwege de mensenzielen aan deze bekoringen vanwege de duisternis zijn de effecten die door de Hemelse Koningin worden bestempeld als 'vruchten der illusie'.

Via al deze zure en/of rottende vruchten streeft de satan de heerschappij over de wereld na. Laten wij dit wel begrijpen: De satan kan niets doen zonder de medewerking van de mensenzielen, of zoals de Meesteres van alle zielen reeds jaren geleden zei: "De macht van de satan is zo groot als de maat van de zwakheid – dit wil zeggen: verleidbaarheid – van de mensenziel. Indien elke mensenziel op aarde bewust zou weigeren om nog op bekoringen in te gaan, zou de satan al zijn macht restloos en definitief verliezen en zou de wereld op slag een oord van volmaakte heiligheid, Liefde, Vrede en harmonie tussen alle schepselen worden".

Doordat in de loop van de geschiedenis vanaf de erfzonde miljarden mensenzielen hebben toegegeven aan talloze bekoringen, heeft de satan een immense macht kunnen verwerven over alle ontwikkelingen, situaties, omstandigheden en gebeurtenissen in de wereld. De vruchten van zijn heerschappij via talloze zielen herkennen wij dagelijks in een onmetelijke chaos, ellende, onrecht, leed en de meest uiteenlopende uitingen van duisternis, dit wil zeggen van ondeugd en zonde, of met nog andere woorden: van overtredingen tegen de Goddelijke Wet van de Ware Liefde.

De machten van het kwaad beijveren zich reeds sedert de erfzonde om de mens voor hun kar te spannen. Een zeer groot gedeelte van de mensenzielen is daardoor vervallen tot slaven van de satan, die (in vele gevallen onbewust) op volkomen wijze zijn verwoestende plannen dienen. De mens dient de satan vaak veel duurzamer en veel geestdriftiger dan hij God weet te dienen. Waarom is dit zo? Omdat de mens daarbij meent, voor zijn eigen noden op te komen, terwijl hij in werkelijkheid het kwaad dient en Gods Schepping helpt ontwrichten.

Hoe ontwricht de satan Gods Schepping?

Door in te spelen op de behoeften van de mens. Behoeften vormen de oorzaak van de zwakheid van de mens. Wie behoeften voelt, is voor zijn welbevinden afhankelijk van de bevrediging van deze behoeften. De satan heeft van meet af aan begrepen dat hij de mens volkomen in zijn macht zou krijgen zodra hij erin zou slagen, de bevrediging van de basisbehoeften van de mens onder zijn controle te brengen. Wij moeten ons dus de vraag stellen, welke 'zwakheden' in de menselijke natuur tot grote mikpunten van de satan zijn geworden zijn. Slechts dan kunnen hem zielen worden ontroofd ten voordele van God, en kan de ziel zich doelmatig tegen zijn manipulaties leren verzetten. Deze kennis is van het grootste belang om het Rijk van Jezus Christus op aarde te helpen grondvesten.

De satan heeft er geen vrede mee genomen, de levensnoodzakelijke behoeften van de mens te bespelen. Hij heeft er vooral voor gezorgd dat een steeds toenemend aantal schijnbehoeften geboren zouden worden. Het gaat hier om dingen die steeds méér mensen aanvoelen als noodzakelijk om te leven, terwijl dit in werkelijkheid niet zo is. Heel vaak gaan deze schijnbehoeften gepaard met een bepaalde mentaliteit die (plots of geleidelijk) tot algemene norm in de samenleving wordt. De Hemelse Meesteres wees er reeds eerder op, hoezeer het denken en voelen van de mens in de loop der tijden is veranderd, en welk groot spiritueel verval daarmee gepaard is gegaan. God is uit de leefwereld van vele mensen verwijderd, het zondebesef is vervallen, en de deur staat wijd open voor inspiraties die niet van Gods Geest afkomstig zijn. De mens dwaalt hierdoor steeds verder af van de weg die God voor hem had voorzien.

Welk plan koestert de satan, en hoe tracht hij het te vervullen?

* Wat beoogt de satan?

De vernietiging van de mensheid en van de hele Schepping van God.

* Hoe?

Door het gedrag van de mens naar zijn hand te zetten, opdat het de verwezenlijking van zijn plannen zou dienen.

* Hoe doet hij dit concreet?

Door in te spelen op de behoeften (en dus zwakheden) van de mens.

* Welke behoeften, respectievelijk zwakheden, en met welke gevolgen?

Genotzucht, zelfzucht, geldingsdrang, hebzucht en nieuwsgierigheid. De Hemelse Meesteres laat hierop zo dadelijk dieper ingaan. Samen leiden deze tot vernietiging van het lichaam, vergiftiging van het hart, grote verwarring in de geest, ontwrichting van sociale relaties, teloorgang van alle deugden, moord op het geweten, verdwijnen van het zondebesef, uitschakeling van alle christelijke waarden, zeer snelle toename van de algemene goddeloosheid, algemene ontevredenheid, zeer snelle vermindering van de levensvreugde, grote onzekerheid in de samenleving, en een razendsnelle toename van het aantal zielen die in betrekkelijke of absolute staat van ongenade leven.

De uiteindelijke doelstelling van de satan bestaat in de vestiging van zijn rijk op aarde: een rijk van duisternis, leed en ellende, waarin de kiem van alle Liefde restloos is gedood. De moderne samenleving lijkt erop te wijzen dat hij bezig is, in dit opzet te slagen. De algemene atmosfeer die wij in deze tijd in ons leven waarnemen, is de adem van het kwaad die als een steeds dikkere wolk de wereld omhult. Daaruit ontspringt alle chaos, verwarring, ontevredenheid, liefdeloosheid, goddeloosheid en algemeen gevoel van ongelukkig-zijn, die het leven van elke dag zozeer bedreigen. Slechts één geneesmiddel bezit de kracht om de wereld te herstellen in de oorspronkelijke orde die God hem bij de Schepping had gegeven: de terugkeer van de mens naar de heiligheid.

Welke strategie gebruikt de satan om zijn doel te bereiken?

Hij heeft van meet af aan gezocht naar de zwakheden en gevoeligheden van de menselijke natuur. Geen twee mensen zijn gelijk, en de één heeft een grotere of kleinere weerstand tegen de bekoring dan de ander. De maat van weerstand van een ziel tegen bekoring hangt af van de maat van haar Liefde jegens God en haar medeschepselen en van haar oprecht verlangen om Gods Werken te doen. Maar elke mens heeft van nature behoeften, doordat hij in een lichaam leeft: voeding, kleding, huisvesting, rust, medische verzorging... Die behoeften moeten bevredigd worden om het leven van het lichaam mogelijk te maken. Deze behoeften heeft de satan van in den beginne bespeeld, en bovendien heeft hij ervoor gezorgd dat hij de mens ook nieuwe schijnbehoeften kon ingeven (door hem in te fluisteren dat hij dit of dat ook absoluut nodig heeft), en dat de reeds bestaande behoeften door de mens als steeds belangrijker aangevoeld zouden worden.

Hierdoor zou de mens geleidelijk aan de bevrediging van zijn wereldse behoeften tot enig doel van zijn leven maken. Daarmee was de kiem van het eeuwig verderf gelegd: De satan is erin geslaagd om de menselijke samenleving zodanig te manipuleren dat deze steeds méér de verwezenlijking van de doelstellingen van de duisternis, het kwaad, begon te dienen, namelijk de verwoesting van zielen. Wanneer wordt gezegd dat de mensheid zichzelf vernietigt, zou het in feite nauwkeuriger zijn, te zeggen dat de satan de mensheid ertoe aanzet, zichzelf door hem te laten vernietigen, en wel door handen, harten en geesten die hij in zijn dienst heeft kunnen stellen doordat zij zich door hem laten misbruiken om niet meer de levensopdracht te vervullen waartoe zij hun leven op aarde hebben gekregen, doch grotendeels, in vele gevallen zelfs uitsluitend, te leven in dienst van het kwaad of ten minste op zodanige wijze dat de Wet van de Ware Liefde niet wordt vervuld.

Hoe gaat de satan tewerk om de wereld te beheersen, met andere woorden: Via welke middelen tracht hij de wereld in zijn macht te krijgen en te houden, en zoveel mogelijk zielen ertoe te brengen dat zij vrijwillig en spontaan hun hele leven, al hun doen en laten, al hun woorden, gedachten, gevoelens, verlangens en bestrevingen in dienst van zijn belangen zouden stellen?

De satan gaat tegen zielen tekeer langs twee wegen, men zou kunnen zeggen: inwendig en van buiten af.

Inwendig werkt hij via:

  • bekoringen
  • duistere ingevingen
  • beïnvloeding van het gemoed
  • aanvallen tegen het Geloof, het vertrouwen, de Hoop en de Liefde.

Van buiten af werkt hij via:

  • de hele atmosfeer van de wereld, die hijzelf doorheen alle eeuwen zo diepgaand heeft ondermijnd dat deze van zijn denken doordrongen is en op de verwezenlijking van zijn doelstellingen is gericht;
  • de medemensen: Zielen worden tegen elkaar opgezet, berokkenen elkaar op allerlei wijzen schade, ontmoedigen elkaar.

In deze wereld zijn reeds zeer veel dingen verwoest doordat zielen hun medemensen belasteren, zwart maken, als leugenachtig voorstellen en hen in de ogen van andere medemensen van al hun geloofwaardigheid beroven. Heel bijzonder worden op deze wijze zielen aangevallen die zich oprecht inspannen om goede en lichtrijke dingen te doen, te zeggen, na te streven en te verspreiden, opdat ook deze zielen in de Liefde zouden worden verzwakt en hun vertrouwen in Gods bescherming en Zijn Werken van Liefde zouden verliezen.

De satan wil de hele Schepping in zijn macht krijgen, opdat Gods uiteindelijke bedoeling – de grondvesting van Zijn Rijk van Ware Liefde en Vrede tussen al Zijn schepselen, totaal en definitief gedwarsboomd moge worden. Om de Schepping in zijn macht te krijgen, moet hij de mensenzielen in zijn macht krijgen. Als antwoord op de levensopdracht van elke mensenziel – met haar hele leven bij te dragen tot de verwezenlijking van Gods Plan voor de grondvesting van Zijn Rijk op aarde – tracht hij zoveel mogelijk zielen tot zijn slaven te maken, dit wil zeggen: hen zodanig te 'herprogrammeren' dat zij met hun hele wezen en al hun innerlijke gesteldheden werken van duisternis zouden volbrengen, die Gods Werken beschadigen, verzieken, zo mogelijk helemaal verwoesten of minstens hun voltooiing zo lang mogelijk uitstellen.

Laten wij de beide doelwitten van de satan nader beschouwen: de individuele mensenzielen en de wereld in zijn geheel.

DOELWIT NR. 1:
De satan misbruikt de onvolkomenheden van de menselijke natuur

1. Hij pikt in op de menselijke behoeften, manipuleert deze en stelt ze in dienst van zijn eigen plannen en werken.

De grootste menselijke behoeften situeren zich op het vlak van materiële goederen (geld, eigendom), macht (hoogmoed, jaloersheid, de behoefte om boven de medemens en tevens boven alle niet-menselijke medeschepselen te staan, de behoefte om groot en belangrijk te lijken in de ogen van elke medemens, vandaar ook gevoelloze concurrentie), genotzucht en seksualiteit.

2. Hij pikt in op de menselijke zwakheden De gevolgen zijn merkbaar in de zonde in haar vele uiteenlopende verschijningsvormen. Zelfs in de natuur worden de gevolgen merkbaar in een complete ontwrichting (toenemende en steeds hevigere natuurrampen).

3. Hij pikt in op de menselijke blindheid (het onvermogen van de ziel om de Waarheid achter de zintuiglijk waarneembare dingen alsook de niet-zintuiglijk waarneembare werkelijkheid te zien). Hierdoor kan hij de wereld regeren door psychische terreur: angst, onzekerheid, uitzichtloosheid, paniek, dreiging, chaos. Waar enigszins mogelijk, laat de satan de mens geloven dat deze dreiging van God komt.

In een antwoordbrief liet de Hemelse Meesteres ooit schrijven: "Het leven komt op elke ziel wel vaker eens verwarrend over. Het verstand kan vele dingen niet meer vatten, omdat de satan talloze stromingen en ontwikkelingen in het leven heeft geroepen, die elkaar tegenspreken. Via de nevel van de chaos tracht hij de wereld te beheersen, die slechts het rechtmatig eigendom is van God alleen".

Daarom moet de ziel zeer waakzaam zijn ten aanzien van voorspellingen over het lot van de wereld en de mensheid, die dreiging en angst in zich sluiten. Wij hoeven in dit verband slechts te denken aan de vele dreigboodschappen en doemprofetieën, die zogenaamd van Hemelse oorsprong zijn, doch in waarheid door de duisternis zijn geïnspireerd aan zielen die zich zwaar hebben laten misleiden en hierdoor – soms onbewust – meewerken aan de ontwrichting van Gods Schepping. God wil niet de dood van de zondaar, maar zijn bekering.

Algemeen gesteld, moeten de zielen zich de volgende formule voor ogen houden:

de satan = uitzichtloosheid en duisternis

de Meesteres van alle zielen, in opdracht en als Brug van God naar de mensenzielen, = Liefde en onderrichting in de volheid van de Waarheid, en daardoor het Vuur dat alle chaos en liefdeloosheid verbrandt.

Welke kernpunten kunnen in de strategie van de satan naar de individuele zielen toe worden onderscheiden, en op welke zwakheden van de zielen werken deze in?

1. De genotzucht van de mens

  • De waarde van alle lijden, beproevingen, offers en boete wordt steeds meer verdrongen. De mens wil niet meer lijden, en de spirituele waarde van het lijden wordt niet meer begrepen. Het Kruis is een aanstoot geworden. Elke pijn moet onmiddellijk worden verholpen. Gevolgen zijn onder meer het goedkeuren van euthanasie (lijden wordt als 'onmenselijk' beschouwd) en een massaal gebruik van pijnstillende medicijnen. Dit alles gaat lijnrecht in tegen het Goddelijk Mysterie van de immense verlossende en heiligende macht van alle lijden dat in de gesteldheden van Christus Zelf aan Gods Heilsplan wordt opgedragen;
  • Seksuele teugelloosheid. De seksuele behoefte is zeer machtig, en is daarom één van de behoeften waarvan de satan zich het meest bedient. Gevolgen zijn alle erotische uitspattingen, zedeloosheid, pornografie, prostitutie, abortus, enz.;
  • Kunstmatig opgewekte lichamelijke en geestelijke ervaringen door het gebruik van alcohol, drugs, tabak, bepaalde medicijnen, bepaalde voedingsmiddelen, bepaalde televisieprogramma’s (erotisch prikkelende beelden, gewelddadige beelden, griezelbeelden, enz.);
  • Buitengewone 'kicks', opgewekt door roekeloos gedrag, luide en opzwepende muziek, enz.;
  • De uitgaansmogelijkheden, kunstmatig opgewekte gevoelens van zogenaamde vrijheid, waarbij de indruk wordt gewekt dat alles geoorloofd is, en de nacht tot dag wordt gemaakt. De mens praat zichzelf het gevoel aan, dat hij zich niet hoeft te storen aan bepaalde traditionele gebruiken, doch de meest uiteenlopende ongewone dingen moet uitproberen om 'zijn grenzen te verleggen' (de ervaring, 'volledig mens te worden', met als motivering 'indien je dit nooit hebt gedaan, heb je nooit echt geleefd').

2. De zelfzucht en de geldingsdrang van de mens. Hier staat de wieg van het geweld, kernelement van vele misdadige handelingen en bestrevingen. Geweld in al zijn vormen wordt gebruikt tot bevrediging van de behoefte van de mens om zich ten koste van zijn medemens te laten gelden. Deze gesteldheid is mogelijk gemaakt door de verregaande verdrijving van de naastenliefde uit de mensenharten. De mens wordt egoïstisch gemaakt en is bereid om zijn medemens te benadelen opdat hij het zelf schijnbaar beter zou hebben. Dit blijkt uit het feit dat de mens zijn lichamelijke (stoffelijke) behoeften als veel belangrijker beschouwt dan deze van zijn ziel, die nochtans het Eeuwig Leven bepalen.

3. De hebzucht van de mens. Deze vormt de bron van het materialisme in al zijn vormen. De mens wordt steeds méér ontevreden. Hoe verder de maatschappij zich ontwikkelt, des te meer schijnbehoeften voelt de mens. Al het materiële wordt verheven tot een afgod, en er volgt een steeds groeiende goddeloosheid, een steeds groeiende concurrentie, jaloersheid, nijd, afgunst. De mens wordt steeds ongelukkiger, want naarmate zijn materieel bezit toeneemt, wordt hij in de ziel armer, en voor elke behoefte die hij kan bevredigen, ontstaan er tien nieuwe, zodat de kloof tussen zijn begeerten en de werkelijke bevrediging steeds groter wordt. Het materialisme is met het ontstaan van de geldmaatschappij zeer sterk toegenomen. Geld was voorzien als ruilmiddel om de waarde van goederen onder elkaar te vergelijken. Het bezit van geld werd echter tot een doel op zich.

Het koortsachtig nastreven van winst in de ruil van goederen versterkt het commercialisme: De productie en verkoop van goederen zijn niet meer bestemd voor de werkelijke behoeften van de mens, integendeel, er worden kunstmatige behoeften geschapen, opdat steeds méér verkocht zou kunnen worden, en de kwaliteit van de producten wordt verminderd, opdat zo snel mogelijk nieuwe producten zouden kunnen worden gemaakt en verkocht (wegwerpmaatschappij!). Opdat dit alles flink op dreef zou blijven, wordt koortsachtig reclame gemaakt, die op zich bovendien een nieuwe bron van zedenverval in het leven roept.

4. De nieuwsgierigheid van de mens. De mens wordt ertoe aangespoord, steeds nieuwe wegen te zoeken, die bij voorkeur zo sterk mogelijk afwijken van de gebruikelijke wegen. Wie deze tredmolen niet volgt, wordt bespot als ouderwets, zodat velen hun gedrag afstemmen op de mening die hun medemensen over hen uitspreken. De eerste waarden die hierbij het loodje leggen, zijn deze van de traditionele christelijke Leer. Dit kan in twee richtingen gaan: Ofwel wordt alle Geloof terzijde geschoven, ofwel gaat men op zoek naar andere godsdiensten of naar schijnreligieuze levensopvattingen die verband houden met New Age of met esoterie. Deze wereldbeelden behoren tot de grootste valstrikken van de satan: Zij beïnvloeden de behoefte van de mens om nieuwe, ongewone dingen 'uit te proberen', en trekken deze zielen volkomen van God en van de ene Waarheid van Christus weg. Het betreft hierbij levensopvattingen die een schijngeluk voorspiegelen op grond van een levenshouding die in werkelijkheid het Ware Geluk niet kan opleveren, omdat zij niet in overeenstemming is met wat God van elke ziel verwacht.

Dezelfde nieuwsgierigheid schept eveneens de basis voor de onbedwingbare neiging om zich met alles te bemoeien, en voor de massaal begane ondeugden zoals roddel, laster en achterklap, die de hele samenleving ontwrichten en vele levens verwoesten. Onder meer organisaties zoals de pers en de hele wereld van de massacommunicatie werken daarom het verval van de Schepping ten aanzien van Gods Wet sterk in de hand. Nieuwsgierigheid is slechts nuttig wanneer zij is gericht op de verwerving van kennis die bevorderlijk is voor de groei van de ziel. In alle andere gevallen is het nut ervan twijfelachtig of is nieuwsgierigheid zelfs zonder meer verderfelijk.

Welke wegen bewandelt de bekoorder om in de ziel binnen te dringen?

Ooit toonde de Meesteres van alle zielen tien wegen als de belangrijkste:

1. De zwakheid van de mens. Zwakheid is elk gebrek aan weerstandsvermogen tegen een plots opkomende lust tot bevrediging van iets dat als behoefte wordt aangevoeld, maar het in feite niet is. Bijvoorbeeld: meer eten of drinken dan nodig om te leven, dingen kopen die niet noodzakelijk zijn om te leven, gebrek aan zelfbeheersing op vele mogelijke vlakken, zodat het zien van een bepaalde prikkel leidt tot één of andere vorm van 'kortsluiting' en onvrede schept indien aan de opkomende lust niet kan worden toegegeven.

Het is geen zonde, zich iets aan te schaffen of te nuttigen dat boven het levensnoodzakelijke uitstijgt, maar indien dit tot een gewoonte wordt waartegen de ziel weinig of geen weerstand blijkt te hebben, wordt zij kwetsbaar voor bekoringen en diverse ondeugden (onmatigheid, onzuiverheid en andere). De reclamewereld speelt hier een verderfelijke rol.

2. De verveling, elk gebrek aan zingeving aan het leven. Verveling is in wezen een uiting van onvermogen om het nut te begrijpen van een bepaalde gebeurtenis of situatie. Zij is een vorm van onvrede in de ziel die niet in staat is om deze gebeurtenis of situatie in verband te brengen met Gods Werken, Plannen en Voorzienigheid op haar levensweg. In de ervaring van de verveling wint de satan toegang tot de ziel doordat zij naar zingeving zoekt en deze niet vindt. Precies doordat zij in deze fase niet volkomen met God verbonden is, leidt de satan haar gemakkelijk af naar situaties die haar een nieuwe invulling van de leegte in haar leven beloven. Vaak worden via deze weg de criminaliteit en allerlei vormen van afwijkend gedrag geboren. Vele van de uitspattingen die wij in deze moderne tijden om ons heen kunnen vaststellen, zijn daar vruchten van.

3. De onwetendheid. De mens heeft nooit een alomvattende kijk op de volle werkelijkheid van de dingen en situaties om zich heen. Daardoor trekt hij vaak verkeerde conclusies, schat hij situaties onjuist in, en ziet hij vaak niet (of pas heel laat) dat hij bezig is, geleidelijk aan van het leven in en met God af te dwalen. Onwetendheid kan in vele gevallen verontschuldigd worden, maar kan niettemin oorzaak zijn van vele ondeugden bij de medemens, doordat deze niet steeds in het reine komt met de vele fouten die de onwetende maakt en waar hij niet lijkt bij stil te staan.

4. De verblinding. Hangt nauw samen met de onwetendheid. Verblinding is het onvermogen om de hand van het kwaad te zien in een gebeurtenis, situatie of ontwikkeling, omdat de dingen niet altijd zijn wat ze lijken te zijn. Verblinding is de vrucht van een gebrek aan onderscheidingsvermogen, doordat de ziel geen zuiver contact heeft met Gods Geest. Deze gesteldheid is gevaarlijk omdat zij vaak het fundament wordt van een levenshouding waarbij de ene zonde op de andere volgt: het oordeelsvermogen kan onwerkzaam worden en de ziel ziet zelfs de eigen ondeugden niet meer. Velen leiden een leven van geestelijke duisternis, biechten nooit, en zijn er niettemin van overtuigd dat zij niets verkeerds doen. Deze zielen geven vaak hun medemens de schuld voor alles wat in hun leven verkeerd loopt.

5. De verslaving. Verslaving is het resultaat van zwakheid in hoge graad. Zij is de gesteldheid van de ziel die afhankelijk wordt van de gevoelens van schijnbevrediging die opgewekt worden door toe te geven aan bepaalde schijnbehoeften. Verslaving heeft de neiging, de verslaafde tot het grootste kwaad te brengen om deze bevrediging in stand te houden. In vrijwel alle gevallen is verslaving slechts mogelijk doordat de ziel volkomen ondervoed raakt en alle aandacht in het leven naar het lichamelijk welbevinden gaat (of wat aldus aangevoeld wordt; vaak is dit een heel groot zelfbedrog).

Voorbeelden zijn verslaving aan drugs, bepaalde medicijnen zoals antidepressiva en slaapmiddelen, snoepzucht, bepaalde dwangmatige gewoonten, seksuele uitspattingen, enzovoort. Verslaving legt vaak totaal onverwachte wegen open voor de meest uiteenlopende afgeleide gewoonten die de ziel tot volmaakte slaaf van de satan maken. Zo kan de mens bijvoorbeeld de behoefte voelen om constant omringd te zijn door harde muziek, daardoor verzeild raken in het uitgaansmilieu, en uiteindelijk verstrikt raken in drugs en criminaliteit.

6. De teleurstelling. Dit is de gesteldheid waarin de verwachtingen van de ziel ten aanzien van bepaalde ontwikkelingen in het leven niet ingelost zijn. Teleurstelling is in wezen opstandigheid tegen (dus niet-aanvaarding van) Gods beschikkingen voor de loop van Uw levensweg. Teleurstelling kan leiden tot gedrag dat precies het tegenovergestelde is van wat de ziel aanvankelijk beoogde of nastreefde. Bijvoorbeeld: Een christen kan ketter worden, een priester kan uittreden en een losbandig leven beginnen leiden.

Teleurstelling kan in kleine dingen schuilen en kan, indien zij herhaaldelijk optreedt, een vrijwel aanhoudende onvrede in het hart scheppen, die een zeer rijke voedingsbodem voor bekoringen vormt. Teleurstelling kan aanleiding geven tot een hele levenshouding die gebaseerd is op spot, hatelijkheid, laster, roddel, achterklap, godslastering, enzovoort, in een verwrongen poging om de eigen onvrede te compenseren door medemensen (en al wat heilig is) neer te halen.

7. De vermoeidheid. Lichamelijke, geestelijke of emotionele vermoeidheid verlaagt vaak de weerstand tegen bekoringen om af te wijken van de deugdzaamheid. Indien de vermoeide mens onvoldoende gerijpt is in de Liefde, de overgave, de aanvaarding en de offerbereidheid, loopt hij constant het gevaar dat zijn toestand aanleiding geeft tot opvliegendheid, onvriendelijkheid, ontevredenheid, norsheid, ongeduld, prikkelbaarheid, agressie, en ook onmatigheid (zichzelf schade toebrengen door de neiging om zich 'te verwennen').

8. De angst. Angst is een vruchtbare voedingsbodem voor afwijkend gedrag. Angst geeft aanleiding tot twijfels, gebrek aan vertrouwen, ondoordacht handelen en spreken, en soms tot agressief gedrag. Angst sluipt in de ziel zodra deze het gevoel van houvast verliest. Vaak ontstaat op deze wijze een levenshouding waarbij de macht van elke Hemelse tussenkomst in het leven onderschat of niet meer geloofd wordt.

9. De ontmoediging. Dit is de gesteldheid van de ziel die overweldigd is door de lasten en tegenslagen van het leven, of die geschokt is doordat een verwachting niet ingelost is. Ontmoediging legt de ziel lam: zij vindt niet meer de kracht noch de lust om te strijden voor de verbetering van haar levenslot, of om het hoofd te bieden aan de hinderpalen op haar weg. Ontmoediging is het werk van de satan, die hierdoor tracht te verhinderen dat de ziel nog zou bijdragen tot de verwezenlijking van Gods Plannen. Een vaak voorkomend gevolg is de onverschilligheid tegenover alles wat heilig is, en de laksheid in de naastenliefde in al haar elementen.

10. De twijfel en onzekerheid. Een ziel die onzeker wordt, heeft geen vast vertrouwen meer in Gods werking in haar leven. Zij begint in zekere zin te verwachten dat haar ondernemingen zullen mislukken. Onbewust snijdt deze ziel zich van God af en gelooft zij dat zij alles op eigen kracht moet oplossen, terwijl zij bovenmatig rekening houdt met een slechte afloop van de dingen van het leven. Met andere woorden: De onzekere, twijfelende ziel gelooft in feite dat de satan machtiger is dan God. Zo schakelt zij zichzelf uit als werktuig voor het goede.

 

De hierboven beschreven tien wegen geven samen uitdrukking aan het overgroot gedeelte van de gesteldheden die door de duisternis in zielen kunnen worden gezaaid om hen van God weg te trekken en de plannen en werken van de duisternis te beginnen dienen. Talloze zielen zijn aan één of meer van deze gesteldheden ten prooi, en bouwen hierdoor de fundering voor de immense macht van de satan over de wereld van vandaag.

Bekoringen volstaan op zich nog niet om een ziel tot werktuig van de duisternis te maken. Dit is pas het geval zodra de ziel op de bekoring ingaat. Op dat ogenblik wordt de bekoring tot bron van zonde, anders uitgedrukt: tot factor die de ziel vatbaar maakt om de werken van de duisternis te doen. Laten wij deze factoren even nader beschouwen:

De voornaamste bronnen van de zonde.

De voornaamste bronnen van de zonde zijn deze, volgens de onderrichting vanwege de Hemelse Meesteres:

1. Onvermogen in het opnemen, verwerken en doorgeven van Liefde. Dit komt tot uiting in gesteldheden zoals onverschilligheid, kilheid van hart, zelfzucht, egocentrisme, gebrek aan inleving in medeschepselen;

2. Onzuiverheid van geest, hart, mond en wil. Deze komt tot uiting in gesteldheden zoals onverdraagzaamheid, kritiekzucht, hoogmoed, verwaandheid, haat, afgunst, neiging tot kwaadsprekerij of roddel, het vormen van oordelen over medemensen;

3. Gehechtheden, die zich uiten in gewoonten, banden met het verleden, met mensen of met stoffelijke dingen, materialisme met al zijn gevolgen voor het gedrag, maar ook in ziekelijke neigingen, verslavingen, onbeheerste driften, zelfs in nieuwsgierigheid;

4. Onverwerkte teleurstellingen of niet-aanvaarde beproevingen, die zich uiten in vele vormen van ontevredenheid, opstandigheid, alle bestanddelen van een ongenietbaar karakter, plotse uitbarstingen van agressie, mishandeling van medeschepselen, vernielzucht.

Niet zelden zijn zonden de kinderen van twee of meer van deze categorieën. Bedenken wij bovendien dat de grote hoofdoorzaak van de zonde schuilt in een verlies van echt Geloof in God en in de Liefde als grote levenskracht. Hoe dieper en onwankelbaarder het Geloof wordt, des te méér zal de ziel zich oprecht inspannen om alle zonde en ondeugd te vermijden, want waarlijk diep Geloof verheft de ziel boven het wereldse en al zijn valstrikken uit.

Op 26 augustus 2007 zei de Meesteres van alle zielen: "Ontelbare malen vervalt de ziel in ondeugd door onzuiverheden in geest en mond. Zij wordt geconfronteerd met gebeurtenissen en toestanden die God op haar levensweg brengt, en in plaats van deze in dank te aanvaarden en er op deugdzame wijze mee om te gaan, vormt zij er in haar geest oordelen over, vervalt zij geregeld in kritiek, protest, verzet, ontevredenheid, gepieker en speculaties over wat zou kunnen gebeuren of niet. Vaak gaat de ziel nog een stap verder, en doet zij bovendien uitspraken over de gebeurtenissen die haar levensweg kruisen, zodat zij haar negatieve ingesteldheid tegenover haar lot ook nog deelt met medemensen.

Zielen van Mijn Hart, ware heiligheid is leven in volledige aanvaarding, waarbij de ziel in gehoorzaamheid aan Gods beschikkingen en aan Mijn leiding alle situaties op haar levensweg benut voor de groei van haar diepste wezen en dat van haar medeschepselen, dit alles zonder verzet, zonder oordeel en zonder erover te spreken, tenzij om lof te brengen aan Gods Wijsheid en Liefde die dit alles heeft beschikt voor haar Eeuwige Gelukzaligheid. Zalig de zielen die dit betrachten, elke dag".

Wij kunnen het wezen van de bekoring nog vanuit een andere hoek beschouwen, namelijk volgens de doelstelling die de satan via de bekoring door de ziel tracht te verwezenlijken, steeds met de intentie, haar heiligheid als ziel van God te verwoesten.

Ooit openbaarde de Meesteres de volgende categorieën van bekoringen:

1. Bekoringen die erop zijn gericht, de eigen behoeften te bevredigen. Via deze tracht de satan de ziel in het lichamelijke, in het materiële vast te houden en haar van haar ware levensdoel weg te leiden, dat hieruit bestaat, dat de ziel de bevrediging van de spirituele behoeften nastreeft. Enkele voorbeelden: bekoring tot diefstal, seksuele verleiding...

Aan deze vorm van bekoring kan de ziel zich onttrekken door te groeien in vergeestelijking. Hoe meer de ziel boven de invloeden van het materiële, het wereldse, weet uit te stijgen, des te minder zal zij ertoe neigen, zich door materiële noden te laten overmannen of toe te geven aan influisteringen die haar het gevoel willen aanpraten, dat het daarbij om waarlijk onontbeerlijke behoeften gaat.

2. Bekoringen die erop zijn gericht, een medemens schade te berokkenen. Door deze tracht de satan de ziel ertoe te brengen, de naastenliefde te overtreden. Enkele voorbeelden: Bekoring tot diefstal, tot vandalisme, tot één of andere vorm van beschadiging van goederen van een medemens, ook het bewust verwonden van een medeschepsel (mishandeling, foltering, bewust pijnigen of op enige wijze kwellen), of zelfs de neiging om een medemens te ontmoedigen (hierdoor berokkent men de ziel schade)...

Tegen deze vorm van bekoring kan de ziel zich wapenen door te groeien in de Ware Liefde. Ware Liefde verhindert dat de ziel nog behagen zou scheppen in enig nadeel voor een medeschepsel, in tegendeel: Zij zoekt het welbevinden van de ander.

3. Bekoringen die erop zijn gericht dat de ziel zichzelf zou vernietigen. Door deze influisteringen beoogt de satan dat de werkkracht van de ziel tot verwezenlijking van Gods Plan zou worden ondermijnd. Enkele voorbeelden: Bekoring tot gevoelens van onvrede, angst, twijfel, onzekerheid, onveiligheid, droefheid, depressie, tot regelmatig gebruik van drugs, van tabak, van alcohol, van bepaalde medicijnen met schadelijke ingrediënten, van voedingsmiddelen die niet gezond zijn of waarvan de ziel weet dat haar lichaam deze niet goed verdraagt...

Tegen deze vorm van bekoring kan de ziel zich wapenen door zich bewust te worden van het feit dat God in haar leeft en dat haar lichaam de tempel is, waarmee de ziel op deze wereld moet leven, en dat de gevoelens en gedachten het voedsel voor de ziel vormen. Het lichaam, evenals de vermogens tot nadenken en tot voelen, en het verstand, zijn gaven van God die de ziel in staat moeten stellen om de voor haar voorziene levensopdracht te vervullen. Het is derhalve de plicht van de ziel, haar hele wezen in stand te houden, echter zonder zichzelf tot afgod te maken. Alles waardoor de ziel haar eigen wezen ondermijnt, schept mogelijkheden voor de satan om haar 'uit te schakelen': Zij wordt dan in spiritueel opzicht tot een 'levende dode', die voor Gods Werk niet meer van tel is, tenzij in negatieve zin.

Hierin ligt de diepe betekenis van de aanbeveling van de Meesteres van alle zielen dat de ziel geregeld van harte tot Haar zou zeggen: "Wees de Meesteres van mijn lichaam, mijn hart en mijn geest". In de mate waarin de Koningin des Hemels daadwerkelijk Meesteres van alle wezensniveaus van de ziel kan zijn, kan Zij Haar macht in dit hele wezen laten gelden om alle processen en ontwikkelingen in het lichaam, de gedachten, gevoelens enzovoort, waarlijk te leiden en vruchtbaar te helpen maken.

4. Bekoringen die erop zijn gericht, Gods Plan te dwarsbomen. Hierdoor tracht de satan, de ziel actief voor zijn eigen plannen te laten werken. Enkele voorbeelden: Aanvallen (in woord en daad) tegen de Kerk, aanvallen tegen echte werktuigen van Jezus of Maria, geen vreugde meer ervaren in het bidden en offeren, gebrek aan eerbied voor het leven, werken voor anti-christelijke bewegingen...

Tegen deze pogingen kan de ziel zich wapenen door zich totaal aan Maria toe te wijden en dagelijks om inzicht en leiding te bidden om de juiste weg te volgen en ondanks alle tegenslagen niet van die weg af te wijken.

5. Bekoringen die erop zijn gericht, de eenheid tussen mensen te verwoesten. Hierdoor tracht de satan, alle Vrede en alle gevoelens van verbondenheid onder de kinderen Gods onmogelijk te maken, opdat de mensheid door haar leven en haar daden God niet zou verheerlijken, doch Hem te schande zou maken: Een mensheid die in totale onvrede, in tweedracht en onenigheid leeft, lijkt niet meer op de heilige vrucht van een volmaakte God doch op de rottende vrucht van een totale chaos, die niet kan zijn voortgekomen uit een Wezen dat absolute Wijsheid is.

Deze laatste gedachte vormt op zich reeds een bekoring voor veel zielen, die het wezen van de Schepping en de zo belangrijke rol van de vrije wil van de mens zelf in de ontwikkeling van het leven op aarde niet hebben begrepen. Enkele voorbeelden voor deze categorie bekoringen: zich laten verleiden tot ruzie, twistgesprekken, polemieken, vetes, oorlog tussen volkeren, provocaties met een negatief doel, kritiekzucht (de neiging om op alles en iedereen te vitten)...

DOELWIT NR. 2:
De satan inspireert de zielen tot een goddeloze organisatie
van het leven en de wereld

De satan doet er alles aan om een wereld zonder God te scheppen. Op vele vlakken doet hij dit op een listig gecamoufleerde wijze (denken wij bijvoorbeeld aan alle liberalisme in deze wereld!) met idealen zoals 'eenheid', 'humaniteit' enz., die zielen op grote schaal misleiden omdat deze idealen doorgaans niet zijn gegrondvest op zuiver en onzelfzuchtig spiritueel denken en streven, met andere woorden omdat in hun doelstellingen doorgaans de ware oriëntatie op God en Zijn eeuwige, tijdeloze (dus niet-wereldse) belangen ontbreekt.

Via allerlei filosofische, politieke en economische denksystemen wordt God buiten de samenleving gezet. De mens begint de wereld te organiseren rond zijn eigen wereldse noden, en maakt zijn eigen wetten. Gods Wet wordt aangewezen als een fatale struikelblok op de weg naar het aardse geluk. Gevolg: De christelijke Leer, de zonde enzovoort, worden opzij geschoven. Via esoterische en niet-christelijke schijnbaar spirituele systemen worden de laatste resten van religieuze gevoelens en religieuze behoeften in richtingen gestuurd die niets meer met Gods Waarheid te maken hebben doch allerlei menselijke noden kunnen bevredigen.

De technologie en wetenschap zijn volkomen hierop gericht, dat de mens zich niet meer zou schikken naar zijn eigen beperkingen, doch dat hij constant grenzen verlegt, waardoor in de mens het gevoel wortel schiet, dat hij een zodanig grote macht over de Schepping begint te verwerven dat God 'overbodig', ja zelfs een sta-in-de-weg wordt. Kenmerkend hierbij is wel, dat de inspanningen en ontdekkingen in technologie en wetenschap zijn gericht op het scheppen van omstandigheden die de kruisen uit het leven moeten verbannen, en die daardoor het Verlossingsmysterie schijnbaar van alle kracht beroven en zoveel mogelijk mensen moeten besmetten met de gedachte dat alle moeilijkheden van het leven vermijdbaar zijn, en dat derhalve de christelijke Leer van 'Verlossing, heiliging en Eeuwige Gelukzaligheid door de verdiensten van de totale navolging van de Christus tot en met het opnemen van het kruis in eenheid met Zijn Hart' zou neerkomen op waanzin. Hier is dus de satan aan het werk in zijn volle listigheid, die zeer handig inspeelt op de behoefte van de mens om alles wat onaangenaam is, te vermijden. Hierdoor heeft hij in deze wereld weten te bereiken dat talloze miljoenen mensenzielen hun leven volkomen onvruchtbaar hebben gemaakt en nog maken, dit wil zeggen: voor God onbruikbaar voor de voltooiing van Zijn Heilsplan en Zijn Werken.

De uitschakeling van de christelijke moraal als steunbasis voor het geweten der zielen maakt het mogelijk dat zonde tot gewettigd gedrag wordt verheven. Wij zien dit onder meer in de legalisatie van abortus: het feit dat in vele landen abortus wettelijk is toegelaten, terwijl dit in het verleden in de meeste landen strafrechtelijk werd vervolgd als een misdrijf. Hierdoor zijn intussen wereldwijd miljoenen zielen ertoe misleid, te menen dat zij door het plegen van abortus niets verkeerd hebben gedaan, terwijl zij in de ogen van God zwaar hebben gezondigd.

De Kerk Zelf wordt ondergraven als hoedster van de enige Waarheid. De traditionele wortels worden verloochend. De Kerk laat zich ombouwen tot een Kerk voor de mens, niet meer voor de bevordering van en de dienst en verheerlijking aan Gods Plannen en Werken. De mens en het wereldse worden tot centrale waarden (modernisme). In het modernisme in de Kerk worden talloze zielen weggeleid van de oorspronkelijke bedoelingen van Jezus en dus van Gods ware verlangens. De Meesteres van alle zielen wijst overigens ook op de concrete gevaren van het protestantisme, dat zichzelf voor een strekking van christendom houdt doch tezelfdertijd de rol van de Sacramenten, van Maria, en van de noodzaak tot eigen inbreng van de ziel tot de ontsluiting van haar Verlossing en van het Heil van de mensheid minimaliseert.

God wordt afgeschilderd als oorzaak van alle ellende. Er wordt op gewezen hoezeer alle ellende in de westerse samenleving is toegenomen, en deze vaststelling wordt op listige wijze gekoppeld aan de vaststelling dat uitgerekend de westerse samenleving de hoedster van het christendom is, zodat steeds méér zielen de conclusie trekken dat Jezus Christus en Zijn Leer de oorsprong van alle ellende zijn. De Hemelse Koningin heeft hier onder andere op gewezen in Haar Paasopenbaring voor de Laatste Tijden.

Een ander voorbeeld vinden wij in de natuurrampen, die steeds in hoeveelheid en in hevigheid toenemen. God wordt aangewezen als de Bron ervan. De Meesteres van alle zielen wees reeds in diverse geschriften op het feit dat in waarheid de mensenzielen zelf aan de basis liggen van zeer vele ontregelingen in de natuur en de weersomstandigheden, op grond van het immense volume aan duisternis die vanuit de miljarden overtredingen tegen Gods Wet van de Ware Liefde de wereld bedekt en het evenwicht in de Schepping ontwricht.

De satan inspireert tot volkomen respectloosheid voor alles wat uit Gods hand komt. Een voorbeeld: Elk lichaam van een mens of dier is opgebouwd uit materie die uiteindelijk tot stand komt doordat Gods Intelligentie via de groeiwetten op welbepaalde wijzen cellen en weefsels aan elkaar bouwt. Dit maakt bijvoorbeeld elke mishandeling jegens een levend wezen (mens of dier) tot een aanslag op Gods Liefde, wat de duisternis in de kaart speelt.

De satan is erin geslaagd, via ontelbare kanalen de wereld te doordringen van een beklemmende atmosfeer die in een zeer hoge mate is gericht op de belangen van het werelds leven en die zielen massaal ontmoedigt voor elke inzet ten voordele van de belangen van het niet-stoffelijk spiritueel Leven. Alle doen en laten, alle denken, voelen en streven dat is gericht op de vervulling van Gods Wet van de Ware Liefde levert zielen in steeds hogere mate uit aan onbegrip, verdachtmaking, belastering, en in vele gevallen aan vervolging in vele uiteenlopende vormen. Zo motiveert de satan massaal zielen tot een leven dat de Wet van de Liefde verloochent. Het gevolg is een ononderbroken toename van de duisternis in de wereld, die steeds méér de overtuiging lijkt te rechtvaardigen, dat niet God doch de satan almachtig is en de Schepping beheerst.

De tekenen van Gods Liefde worden steeds moeilijker waarneembaar en voelbaar. De handtekening van de satan daarentegen, laat zich wereldwijd dagelijks vele miljoenen malen duidelijk zien in de meest uiteenlopende en zelfs onvoorstelbare vormen en uitingen van ellende, chaos, leed, ongerechtigheid en liefdeloosheid vanwege mensenzielen jegens hun medemensen, jegens de dieren en jegens het leefmilieu. De hele Schepping, ooit door God gemaakt als het Aards Paradijs, lijkt steeds méér op een zwaar verziekte, onvruchtbare, troosteloze woestenij, in spiritueel opzicht vergelijkbaar met een levenloos gebied na een radioactieve ramp.

Is dit een uitzichtloze, definitieve situatie?

Ja, indien de mensenzielen er vrede mee blijven nemen, de duisternis en haar cultuur van de dood te blijven dienen door hun hele wezen (lichaam, gevoelens, gedachten, verlangens en bestrevingen) te blijven laten misbruiken door de talloze inspiraties die de duisternis hen dagelijks via de meest uiteenlopende situaties van het leven en invloeden vanuit de wereld laat toekomen.

Neen, indien de mensenzielen resoluut beginnen te kiezen voor een leven in onvoorwaardelijke dienst aan Gods Wet van zelfverloochenende Liefde en in dienst van de bevordering, instandhouding en herstel van het welzijn van alle medeschepselen (medemensen en dieren).

De keuze ligt bij ieder van ons. Kiezen wij op grond van een leven vervuld van ongevoeligheid, onverschilligheid, zelfzucht en liefdeloosheid voor een wereld vol beklemming, chaos, onzekerheid, ellende, leed, ongerechtigheid, misdaad, mishandeling, kwelling, agressie tussen schepselen (die zonder enige uitzondering door God werden ontworpen als knooppunten in een netwerk van Liefde), of kiezen wij op grond van een leven vol Liefde en zelfverloochening voor een wereld vol Ware Liefde, volmaakte Vrede en harmonie tussen alle schepselen?

De Meesteres van alle zielen nodigt elke individuele ziel ertoe uit, diep te overwegen dat zij mee verantwoordelijk is voor alle ellende die mensenzielen hun medeschepselen (medemensen en dieren) aandoen, alsook voor wantoestanden zoals honger onder schepselen (van om het even welke soort, hetzij menselijk hetzij niet-menselijk) in de mate waarin deze ziel zelf in de diverse situaties van haar leven de duisternis blijft dienen in doen of laten, in gedachten, gevoelens, verlangens of bestrevingen. Dit komt doordat God Zijn Schepping heeft gemaakt als een netwerk waarin alle knooppunten met elkaar verbonden zijn: Om deze reden injecteert elke daad, gedachte, gevoel, verlangen of bestreving vervuld van Liefde, Licht in de hele Schepping, een Licht waarvan elk schepsel voordeel kan krijgen. Omgekeerd injecteert elke daad, gedachte, gevoel, verlangen of bestreving vervuld van duisternis (liefdeloosheid in om het even welke vorm) in de hele Schepping een duisternis die elk schepsel kan schaden. Elke mensenziel draagt een individuele medeverantwoordelijkheid voor het wel en wee van alle schepselen ter wereld.

De satan houdt ieder van ons de kunstmatige vruchten van talloze illusies voor. God daarentegen, heeft een paradijs van echte vruchten met eeuwigdurende voedings- en geneeskracht klaar voor elke ziel die zich bereid toont om Zijn Wet van zelfverloochenende Liefde in dienst van Zijn Werken te vervullen in elk detail van haar leven. De satan maakt slaven voor zijn rijk van eeuwigdurende kwelling en duisternis, God daarentegen maakt erfgenamen voor Zijn Paradijs van Eeuwige en absoluut grenzeloze Gelukzaligheid. De vruchten der illusie worden de ziel kosteloos geschonken, omdat zij haar vergiftigen en doden. Gods vruchten daarentegen, worden de ziel 'slechts' geschonken op grond van haar actieve inzet, doch zij bereiden haar het Eeuwig Leven in het Rijk waarin de Zon van de Eeuwige Zomer nooit meer ondergaat. Deze zon is God, de Bron van alle Licht, Liefde, Leven en Geluk.

De vruchten der illusie zijn schijnbeloften voor een zogenaamd geluk in het vergankelijk leven op aarde. Het zijn schijnbeloften omdat de smaak van de vruchten der illusie uiterst bitter wordt in het uur waarin de Wet der Goddelijke Gerechtigheid het levensoordeel uitspreekt en de ziel dan vaststelt dat zij zich voor alle eeuwigheid tot slavin van de duisternis heeft laten maken. De vruchten van God daarentegen, smaken nu en dan bitter tijdens de beproevingen van het leven op aarde, doch worden in het uur van het levensoordeel paradijselijk zoet voor alle eeuwigheid, mits de ziel gedurende haar leven op aarde slechts Gods Wet van de zelfverloochenende Liefde heeft vervuld en zich actief en volhardend tegen elke inspiratie tot liefdeloosheid, zelfzucht, onverschilligheid, oppervlakkigheid en wereldse gehechtheden heeft verzet. Zelfs miljoenen zielen die zichzelf als christenen beschouwen, vallen voor de verlokkingen van de vruchten der illusie.

Om deze reden zegt de Meesteres van alle zielen dat Haar opdracht in deze Laatste Tijden hoofdzakelijk hierin bestaat, zielen terug te voeren naar een staat van volkomen bewustzijn over de strategieën der duisternis, naar een actieve en spontane beleving van de zelfverloochenende Liefde jegens al hun medeschepselen, en naar een immense verdieping in hun inzicht in zichzelf en hun inzet voor een onvoorwaardelijke vervulling van de Grondwet van het Goddelijk Leven: de Ware Liefde.

Myriam, april 2020