TOTUS TUUS, MARIA!

PERMANENTE OPROEPEN VAN DE MEESTERES VAN ALLE ZIELEN

In opdracht van de Meesteres van alle zielen is dit menupunt gewijd aan speciale blijvende en dringende oproepen aan de zielen. De volgende oproepen werden door Haar tot de zielen gericht (de tweede en derde oproep kunnen rechtstreeks worden opgeroepen door de titel aan te klikken):

1. Oproep tot instandhouding, bevordering en herstel van de waardigheid
van alle schepselen
2. Oproep tot de christenen van de Laatste Tijden
3. Oproep tot toepassing van de Goddelijke Wet
4. Kernboodschap en oproep


1. INSTANDHOUDING, BEVORDERING EN HERSTEL
VAN DE WAARDIGHEID VAN ALLE SCHEPSELEN

als noodzakelijke voorwaarde voor de
voltooiing van de grondvesting van God Rijk op aarde

Myriam van Nazareth

"(...) Daarom roep Ik elke mensenziel ertoe op, de onvoorwaardelijke, ware zelfverloochenende Liefde in toepassing te brengen jegens elk medeschepsel, ongeacht of dit op één of andere wijze 'anders' is of niet, en elke neiging tot racisme en discriminatie radicaal uit zich te verbannen. (...)" (Maria, Koningin van Hemel en aarde, begin januari 2019)

Maria, de Koningin des Hemels en Moeder van de Christus, heeft het Maria Domina Animarum Werk gegrondvest als Haar 'Apostolaat van de Ware Liefde, de Ware Hoop, de bemoediging en de volheid van de Waarheid'. Alles in de Schepping draait rond de Ware Liefde. God heeft alles geschapen door de Ware Liefde, Hij heeft Zijn Zoon Jezus Christus in de wereld gezonden om de mensenzielen door de volheid van de zelfverloochenende Liefde te verlossen uit de effecten van de zonde, en Hij heiligt zielen die Zijn Wet van de Ware Liefde waarlijk beleven (dit wil zeggen: die deze onvoorwaardelijk toepassen jegens hun medeschepselen), opdat zij de Eeuwige Gelukzaligheid in de Hemel zouden kunnen erven.

De Ware Liefde is de essentie van alle Leven. Elk schepsel blijft slechts in leven door de stroming van Gods Liefde doorheen de Schepping. De Ware Liefde schept, verlost, heiligt en geneest. God wil door voltooiing van Zijn Plan van Heil Zijn Rijk van volmaakte Liefde en Vrede tussen alle schepselen op aarde grondvesten. Elke mensenziel is slechts op aarde om ertoe bij te dragen dat Gods Heilsplan kan worden voltooid, want God verricht Zijn Werken op aarde hoofdzakelijk via de mensenzielen.

Elk schepsel heeft binnen het netwerk van de Schepping een eigen roeping en rol te vervullen. Een mens heeft deze of gene kenmerken (huidskleur, enzovoort) omdat God daarmee een bedoeling heeft, zowel voor deze mens zelf als voor elk medemens met wie hij ooit in contact zal komen. Door deze verschillen tracht God elke ziel naar volmaaktheid te leiden.

De vruchtbaarheid en rijping van een ziel hangt uitsluitend af van de mate waarin zij van harte, spontaan, vrijwillig, bewust, actief, onvoorwaardelijk, volhardend en zelfverloochenend Liefde beleeft en om zich heen verspreidt jegens al haar medeschepselen, zonder enig onderscheid en zonder vooroordelen.

Eén van de elementen van de Ware Liefde is het respect voor de eigenheid van alle medeschepselen, aanvaarding van deze eigenheid, afstand van elk oordeel over verschillen tussen medeschepselen en zichzelf, en het oprecht verlangen om de waardigheid van alle medeschepselen te aanvaarden, te verdedigen, in stand te helpen houden en waar nodig te helpen herstellen, zowel in de eigen rechtstreekse houding jegens deze medeschepselen als door het imago van deze medeschepselen te verdedigen en openlijk te helpen reinigen jegens derden.

De Koningin des Hemels roept er daarom alle mensenzielen met de grootste nadruk toe op, dat zij in hun diepste innerlijke gesteldheden en in al hun gedachten en gevoelens, radicaal zouden ontwortelen:

  • elke neiging tot racisme jegens elke medemens met een andere huidskleur;
  • elke neiging tot discriminatie jegens elke medemens die op welke wijze dan ook 'anders' is dan zijzelf, hetzij in de meest uiteenlopende lichamelijke kenmerken, hetzij qua geslacht, qua religieuze overtuiging, qua taalgebruik, qua culturele achtergrond, qua scholingsgraad, enz.;
  • elke neiging tot mishandeling, vernedering, gebrek aan respect of beroving van de waardigheid jegens elke medemens die op welke wijze dan ook 'anders' is dan zijzelf, alsook jegens alle dieren.

De Moeder Gods wijst erop, dat de hele Schepping slechts het ideaal van Ware Liefde en Ware Vrede kan verwezenlijken dat God voor Zijn Schepping heeft bedoeld, in de mate waarin elke mensenziel de bovenstaande neigingen van harte, spontaan, bewust, onvoorwaardelijk en totaal uit haar diepste innerlijke gesteldheden verwijdert.

In Haar opdracht citeer ik de uiterst belangrijke woorden die Zij tot mij sprak omstreeks Nieuwjaarsdag 2019 als

permanente oproep tot instandhouding, bevordering
en herstel van de waardigheid van alle schepselen:

"God wil via alle doen en laten, alle woorden, alle gedachten, gevoelens, verlangens, bestrevingen en alle innerlijke gesteldheden van alle mensenzielen Zijn Rijk van volmaakte Liefde en Vrede op aarde grondvesten. Deze grondvesting kan niet worden voltooid zolang mensen blijven vasthouden aan racisme, discriminatie, en gebrek aan liefdevol respect voor de waardigheid van elk medeschepsel, mens én dier, dat anders is dan zij zelf zijn, anders dan zij zouden verwachten, of dat op één of andere wijze 'niet lijkt te passen' bij de eigen voorstellingen of voorkeuren.

Geen enkel schepsel is minderwaardig ten opzichte van een ander. God heeft blanke en gekleurde mensen even lief, en verlangt dat mensen van verschillende huidskleur deze niet-discriminerende Liefde zonder enig vooroordeel en onvoorwaardelijk jegens elkaar laten doorstromen. Hij verlangt eveneens dat geen enkel dier slachtoffer zou zijn van enig gebrek aan oprechte Liefde en respect. Er is geen andere weg om de Goddelijke Liefde volkomen onbelemmerd doorheen het hele netwerk van de Schepping te laten doorstromen. Deze onbelemmerde doorstroming vanwege elke mensenziel jegens al haar medeschepselen van welke aard, van welke soort of ras, of met welke kenmerken ook, is de absolute voorwaarde voor de voltooiing van de grondvesting van Gods Rijk op aarde.

Daarom roep Ik elke mensenziel ertoe op, de ware, onvoorwaardelijke, zelfverloochenende Liefde in toepassing te brengen jegens elk medeschepsel, ongeacht of dit op één of andere wijze 'anders' is of niet, en elke neiging tot racisme en discriminatie radicaal uit zich te verbannen.

Discriminerend denken, voelen en denken jegens een medeschepsel op grond van het feit dat dit medeschepsel 'anders' is qua huidskleur of enig ander kenmerk, is in strijd met de waardigheid die God aan de mensenziel heeft gegeven. Geen enkele mensenziel is in Gods ogen minderwaardig noch superieur ten opzichte van enige andere mensenziel. Voor God wordt de waarde van een mens binnen het netwerk van de Schepping uitsluitend bepaald door zijn hartsgesteldheden, de mate waarin deze mens in al zijn doen en laten en al zijn innerlijke gesteldheden, zijn gevoelens en gedachten, een kanaal is van Liefde en Licht. Zijn waarde in Gods ogen wordt in geen enkel opzicht bepaald door kenmerken die verband houden met zijn vergankelijke stoffelijke natuur, zoals huidskleur.

Elk verschil in uiterlijke kenmerken, onder andere qua huidskleur, is door God Zelf zo voorzien omdat Hij daarmee een Plan koestert tot voltooiing van Zijn Heilsplan voor de hele Schepping. Om deze reden is elke vorm van discriminatie en van rassenhaat in overtreding met Gods Wet van de Ware Liefde, en daarom te beschouwen als zonde.

Maak deze oproep bekend, verspreid hem, en houd hem ononderbroken onder de aandacht, want hij stamt rechtstreeks uit het Hart van de Eeuwige Liefde". (aldus Maria, de onbevlekte Moeder Gods).

In mei 2020 gaf de Koningin des Hemels opdracht tot publicatie van een

aanvullende oproep in verband met de
waardigheid van alle schepselen,

in dewelke Zij diverse elementen in de strijd voor deze waardigheid uit nog andere hoeken belichtte en verdiepte:

"Ik geef de zielen een aanvullende

regel ter bevordering van het herstel van de
volmaakte zelfverloochenende Liefde en Vrede onder alle schepselen
op deze wereld,

die zwaar is ontregeld door de duisternis van liefdeloosheid en gevoelloosheid vanwege mensenzielen jegens hun medeschepselen.

Kijk om jullie heen, en laat jullie harten raken door alles wat jullie zien dat niet verenigbaar is met de volmaakte Liefde van de Schepper, Die voor elk schepsel zonder enige uitzondering een leven heeft voorzien in staat van Geluk, innerlijke Vrede en welzijn op elk niveau van zijn wezen.

Geen enkel schepsel – noch mens noch dier –
heeft zijn enige leven op aarde gekregen om:

1. door menselijk toedoen, of door gebrek aan zorg vanwege mensenzielen, honger te lijden, noch enig ander gebrek te lijden dat het overleven in het lichaam, of het leiden van een leven in waardigheid, moeilijk of onmogelijk maakt.

De Schepper heeft in Zijn volmaakte Intelligentie de Schepping zo voorzien, dat op grond van de samenstelling van de vruchten der aarde, van hun stofwisseling en de wisselwerking ervan met de natuurlijke omstandigheden op elke plaats van de planeet en door de uitwerkingen van de Goddelijke Groeiwetten voor elk schepsel te allen tijde voldoende voedsel beschikbaar zou zijn. Een schepsel dat op welke wijze dan ook door menselijk toedoen – o.a. via verwaarlozing, uitstoting, door verdrijving uit zijn natuurlijk leefmilieu of door gebrek aan vrije toegang tot voedselbronnen – honger lijdt, wordt door de schuldige ziel(en) als het ware uit het netwerk van de Schepping uitgesloten, kan zijn normale functies binnen dit netwerk niet meer uitoefenen, en wordt verhinderd om de Tegenwoordigheid en werking van een liefhebbende God te voelen en erin te geloven;

2. door menselijk toedoen te worden mishandeld, gefolterd, op enigerlei wijze te worden gekweld of aan enige vorm van leed of pijn te worden onderworpen.

Ik wijs erop, dat het mishandelen en pijnigen van medeschepselen vrijwel steeds zijn oorsprong vindt in ontevredenheid of onvrede in het hart. Ontevredenheid en innerlijke onvrede kunnen slechts wortel schieten in een ziel die geen voeling meer heeft met de ware zin van haar leven als onderdeeltje van Gods Heilsplan. Een dergelijke ziel kan ertoe neigen, medeschepselen te kwellen omdat zij het vermeende welzijn van deze medeschepselen niet verdraagt en zij daarom deze medeschepselen wil neerhalen. Besef heel goed, dat ontevredenheid de gesteldheid was, die Lucifer tot zijn opstand tegen God heeft gebracht, en die hij in elke ziel tracht te zaaien als basis voor de meest uiteenlopende overtredingen tegen de Wet van de zelfverloochenende Liefde;

3. door menselijke tussenkomst te worden gedood (dit wil zeggen: tot een niet-natuurlijke dood te worden gebracht).

Weet dat slechts God Heer van de Schepping is, en dat daarom ook het levenseinde van elk schepsel slechts door Hem kan worden beschikt. Daarom wordt het evenwicht in de Schepping verstoord bij elke gelegenheid waarbij het leven van een schepsel wordt beëindigd door menselijk toedoen;

4. door mensenhanden te worden gebruikt, verstoten, zelfs weggeworpen, als voorwerp zonder waarde.

Dit gebeurt op deze wereld veelvuldig, in de eerste plaats met dieren, in het bijzonder (doch niet uitsluitend) dierenjongen. De mensenziel die een medeschepsel zo behandelt, maakt zich schuldig aan een dubbele zware zonde: Zij toont jegens God dat zij het grote Goddelijk geschenk van het leven als waardeloos beschouwt, en verwoest bewust een kanaal voor de doorstroming van de Liefde, de brandstof die rechtstreeks uit het Hart van God naar alle schepselen stroomt. Daar elk schepsel drager is van het leven, is het drager van een Goddelijk Werk, doordat het leven een verschijnsel is dat uitsluitend en alleen door God kan worden geschonken. De behandeling van een schepsel alsof het een voorwerp zonder waarde zou zijn, is daarom een daad waardoor de schuldige ziel zich rechtstreeks keert tegen God en tegen de Goddelijke Basiswet – de Wet van de Ware Liefde, die de brandstof van de hele Schepping is en tevens is bedoeld als het principe dat alle processen, ontwikkelingen, relaties en contacten binnenin en tussen alle schepselen bestuurt.

5. door menselijk toedoen te worden gebruikt als voorwerp tot materiële verrijking van enig mens.

Daarom geniet geen enkele vorm van slavernij of van gedwongen prestatie met het oog op materiële verrijking van één of meer mensen Gods welbehagen, ongeacht of mensenzielen dan wel dieren er slachtoffer van zijn, hetzij in het kader van slavenarbeid, sport, vermaak, of in het geval van behandeling van schepselen als koopwaar;

6. door menselijk toedoen op welke wijze dan ook te worden misbruikt, dit wil zeggen te worden onderworpen aan enige omgang die niet door God voor een schepsel uit Zijn Hart is bedoeld.

Bedenk hierbij dat elk schepsel, zonder uitzondering, is voorzien van een kiem uit Gods Hart, die als het ware de handtekening draagt van Hem Die het schepsel heeft gemaakt en met het mysterie van het Leven heeft bekleed, dat een Werk van de Goddelijke Liefde is;

7. te worden gebruikt als voorwerp van onderzoekingen waardoor het lichamelijk, geestelijk, emotioneel of moreel leed of schade kan ervaren.

Ik verwijs in dit verband naar de aanwijzingen die Ik heb gedicteerd in punt 7 van Mijn onderrichting Versluierde harten;

8. door menselijk toedoen te worden onderworpen aan vrijheidsberoving die het schepsel elke mogelijkheid ontneemt om zich vrij en waardig te ontwikkelen, dit wil zeggen: op een wijze in overeenstemming met Gods bedoelingen van vrije ontplooiing van elk schepsel.

De enige vormen van vrijheidsberoving die door God niet worden afgekeurd, zijn deze om strafrechtelijke redenen, mits de waardigheid van het schepsel wordt gewaarborgd, en deze waarbij een dier voor een beperkte tijdsduur aan een leiband wordt gevoerd of in een kooi wordt vervoerd, strikt tot bescherming van het dier en van zijn medeschepselen. Voor het overige moge de behoeder van een medeschepsel – en in dit geval betreft het specifiek een dier – dit medeschepsel voldoende ruimte geven om zich vrij te kunnen bewegen en ontplooien op een wijze die past bij de soort waartoe het behoort en die zo goed mogelijk lijkt op de wijze van leven, die voor deze soort natuurlijk is. God heeft geen enkel dier het leven gegeven opdat het door menselijk toedoen dit leven zou doorbrengen in zeer nauwe behuizing, of geketend, of op enige wijze die zijn waardigheid als bouwwerk van God kan schenden.

Mogen de zielen bij dit alles bedenken dat deze regels worden gemotiveerd door twee basisgedachten:

   1. Elk schepsel, zowel mens als dier, behoort in wezen slechts rechtstreeks God toe. Daarom is elke mensenziel voor elke handeling jegens een medemens of een dier rechtstreeks verantwoordelijk jegens God, en heeft geen enkele mensenziel rechtstreeks een persoonlijk recht van beschikking over de graad van welzijn van een medeschepsel, zij het mens of dier. Een mensenziel is nooit in de ware zin van het woord eigenares van een medeschepsel, doch hooguit behoedster van dit medeschepsel: Zij is met bepaalde medeschepselen verbonden in het kader van ongeschreven overeenkomsten van hoede, verzorging, bescherming en Liefde, die door God worden beschouwd als vaste onderdelen van haar levensopdracht.

De uitvoering van deze overeenkomsten schept voor de ziel verantwoordelijkheden, zodat zij na haar aardse leven door God wordt geoordeeld volgens de mate waarin zij haar hoede over bepaalde medeschepselen heeft vervuld in een duurzame gesteldheid van zelfverloochenende Liefde en bestreving van het hoogst mogelijke welzijn voor het medeschepsel waarover zij de hoede had;

   2. Elk van deze regels is uitsluitend gericht op de bevordering van de beleving van Gods Wet van de zelfverloochenende Liefde onder alle schepselen. Deze Wet is de Goddelijke Basiswet volgens dewelke God Zijn Schepping tracht te besturen. 'Tracht', omdat God al Zijn Werken bij voorkeur uitvoert via de handen, monden, harten, geesten en de vrije wil van mensenzielen. Wordt deze vrije wil gebruikt voor de dienst aan God door strikte naleving van de Wet van de Liefde, dan wordt de voltooiing van Gods Werken bevorderd. Wordt de vrije wil gebruikt voor de dienst aan de duisternis door overtredingen tegen de Wet van de Liefde, dan wordt de voltooiing van Gods Werken afgeremd, vertraagd, tegengewerkt of zelf helemaal verhinderd.

Het feit dat dit laatste over de hele wereld dagelijks talloze malen gebeurt, is de ware oorzaak van alle duisternis, chaos, ellende, ongerechtigheid, leed, ongeluk en onvrede in en tussen schepselen, en daardoor van de verregaande verduistering van de atmosfeer in de hele Schepping".

Myriam, op dictaat vanwege de Meesteres van alle zielen, mei 2020

De Koningin des Hemels herinnert eraan dat Ware Liefde de gesteldheid is, waarin alle handelingen, woorden, gedachten, gevoelens, verlangens en bestrevingen van de ziel er van harte, vrijwillig en spontaan op zijn gericht, onder andere de waardigheid van elk medeschepsel als Werk van God onbeperkt en ongeschonden in stand te houden en te verdedigen.

Elk schepsel heeft een waardigheid. De waardigheid is de eigenheid van het schepsel, dat een bepaalde waarde heeft zoals het is, ongeacht zijn specifieke kenmerken, precies omdat het in Gods Intelligentie en Wijsheid is ontstaan om precies zoals het is Zijn Plan met de Schepping te dienen. Het is van essentieel belang dat elk mens ten volle zou beseffen dat de satan zich tot doel heeft gesteld om Gods Schepping en al Zijn Werken te vernietigen. Te dien einde gaat hij tot het uiterste om de Ware Liefde te ontwaardigen, omdat de Ware Liefde de drijvende kracht van alle Goddelijke Werken is. Daarom zet hij mensen tegen elkaar op, opdat zij in elkaar de Liefde zouden ontkrachten, elkaar zouden ontmoedigen in de beleving van de Liefde, en elkaar van hun waardigheid zouden beroven door allerlei uitingen van gebrek aan respect, belediging, kwelling, foltering, onderwerping, slavernij, enz...

De Hemelse Koningin sprak bij diverse gelegenheden in dit verband tot Myriam. Laten wij drie van dergelijke Openbaringen citeren:

19 januari 2007

"Elke ziel maakt het voorwerp uit van een hevige strijd tussen God, haar ware Eigenaar, en de krachten der duisternis. De zielen zouden dit beter begrijpen indien zij enigszins konden vatten welke waarde een ziel heeft. Elke ziel bevat een Goddelijk element, de kiem van de heiligheid. Zoals een zaadje alle levensprincipes en ontwikkelingsmogelijkheden van een welbepaalde plantensoort in zich draagt, zo draagt deze kiem een onoverzienbare waaier van mogelijkheden om de ziel te laten uitgroeien tot Gods beeld en gelijkenis. Om deze reden zijn in Gods ogen de twee meest afschuwwekkende dingen deze:

  1. Een ziel die zichzelf volkomen laat afdrijven van het Goddelijk beeld, de gesteldheid van God Zelf, met andere woorden een ziel die zichzelf van haar waardigheid berooft.
  2. Een ziel die andere schepselen van hun waardigheid berooft, bijvoorbeeld door hen te verwaarlozen, te folteren, te kwellen, diepgaand te vernederen, geestelijk of emotioneel te verwoesten, of van God weg te trekken.

Door de eeuwen heen hebben ontelbare zielen zichzelf in één van deze beide categorieën geplaatst. Wanneer de ziel zichzelf of een andere ziel van haar waardigheid berooft, ontstaat een totale blokkade in de stroming van de Liefde, de Hoop en het Geloof. Een ziel die in een dergelijke gesteldheid verzinkt, leeft niet langer volgens Gods Wet doch volgt de wet van de driften, en wordt nog slechts gedreven door de zucht naar genot, macht en erkenning, hoogmoed, totale liefdeloosheid, zucht naar vernietiging, zedeloosheid, en een behoefte om onenigheid en verdeeldheid in Gods Schepping te brengen. Zij wordt aangedreven door krachten die haar geen rust gunnen in de bestrevingen om Gods Werken en Plannen te ondermijnen. In deze ziel sterft alle Wijsheid, en alles wat haar aan het Goddelijke herinnert, wordt radicaal uitgebannen".

18 februari 2009

"Ik roep elke ziel met klem op tot de ware navolging van Christus door bron te worden van Ware Liefde, Geluk en geborgenheid voor al haar medeschepselen – mensen en dieren. Vergeet nooit dat God, de Eeuwige Liefde, alles wat de ziel jegens haar medeschepselen doet, aanvoelt alsof het rechtstreeks jegens Hem werd gedaan. Ook Ikzelf voel alles wat in alle schepselen omgaat, en alle pijnen die zij lijden in lichaam, hart en geest. Volgens de gevoelens die de ziel God gedurende haar aardse leven heeft geschonken – Geluk, Liefde, pijn of kwelling – oordeelt Hij haar. Licht schept méér Licht, duisternis schept méér duisternis. Wie de duisternis dient, zal duisternis oogsten, tijdens het aardse leven en erna. Wie Licht en Liefde zaait, zal Licht en Liefde oogsten, tijdens het aardse leven en erna. Het Licht dat een ziel verspreidt, wordt haar honderdvoudig als Wijsheid teruggegeven. De Liefde die een ziel verspreidt, wordt haar honderdvoudig als Geluk teruggegeven.

Mogen de zielen deze woorden beschouwen en naleven als een vurige oproep tot het herstel van de waardigheid van alle schepselen – mensen en dieren – want elk schepsel draagt Gods handtekening in zich. Zoals de ziel een medeschepsel behandelt, zo behandelt zij in feite God. Elke omgang met een mens of dier, die niet vervuld is van ware, belangeloze, onzelfzuchtige Liefde, werpt een hindernis op in de stroming van de Goddelijke Liefde. Help Mij, de duisternis uit alle betrekkingen tussen mensen onderling en tussen mensen en dieren te verwijderen, opdat Gods Rijk spoediger op aarde gevestigd kan worden. Help mij, hierdoor de satan te beroven van één van zijn machtigste wapens van verwoesting: dit van het gebrek aan Liefde van vele zielen jegens hun medeschepselen. Naarmate de liefdesstroom vrijer en krachtiger circuleert, wordt de hele Schepping meer van Gods kracht doordrongen, en zal het Ware Geluk bloeien in méér zielentuinen. Ware Liefde schept Leven en Geluk; haat, minachting en slechte behandeling schept duisternis en ongeluk, voor het slachtoffer, maar in nog veel hogere mate voor de schuldige ziel. Open jullie hart, en ervaar hoe elke daad en uiting van Liefde zich vermenigvuldigt en op jullie terugkomt als de ware Vrede van Christus".

19 februari 2009

"Ik heb jullie er gisteren toe opgeroepen, de waardigheid van elk medeschepsel – mens en dier – in stand te helpen houden of te helpen herstellen, door Gods Liefde door jullie heen te laten stromen over al jullie medeschepselen. Zo vaak berooft een ziel haar medeschepsel van zijn waardigheid omdat het 'anders' is dan zijzelf of omdat zij het als 'minderwaardig' beschouwt. Ik beklemtoon, dat geen enkel schepsel minderwaardig is. Elk schepsel is gemaakt met specifieke eigenschappen omdat Gods Wijsheid dit zo heeft beschikt, omdat God daarmee een bedoeling heeft. De ziel die een medeschepsel van zijn waardigheid berooft door het te behandelen op een wijze die niet strookt met de Wet van de Liefde, is in werkelijkheid bezig, Gods Werken te bekritiseren en hun werkzaamheid ongunstig te beïnvloeden, en Zijn Wijsheid af te wijzen. Daarom is elke handeling of elk woord waardoor een medeschepsel – mens of dier – schade kan worden toegebracht in lichaam, hart of geest, een werk van duisternis, en dus een zonde of de uiting van een ondeugd.

Bedenk steeds dat een schepsel is zoals het is, omdat God deze specifieke geaardheid nodig heeft binnen Zijn groot Heilsplan. Bedenk steeds dat een mens op een bepaalde plaats geboren wordt, tot een bepaald ras behoort, enzovoort, omdat hij volgens Gods Plan op die plaats geboren moest worden, en binnen die samenleving en binnen dat ras een welbepaalde taak heeft. Respecteer dat alles, want het is Gods Werk, dat wordt bestuurd door een onfeilbare Intelligentie die deze van de mens ver overtreft. Ook de vaststelling van het 'anders-zijn' van een medemens dat berust op afwijkingen in de deugd, mag niet beantwoord worden door slechte behandeling of veroordeling, doch door gebed om bevrijding en welzijn van deze ziel.

Minacht ook niet een dier op grond van zijn eigenaardigheden, uitzicht, gesteldheden of zogenaamde minderwaardigheid. God heeft al deze kenmerken in dit dier verzameld opdat de mensenziel zich zou verheugen over deze veelzijdigheid, over alle tekenen van Gods volmaakte Intelligentie die uit dit alles blijkt. De dieren zijn jullie gegeven als hulp voor jullie harten om zich te openen en de aansluiting te vinden met Gods Liefde. Breek dit groot geschenk niet door een slechte behandeling of door minachting. Jullie medemensen zijn jullie gegeven als hulp bij jullie eigen heiliging. Breek dit groot geschenk niet door een slechte behandeling of door minachting".

Op grond van de leerstellingen van de Meesteres van alle zielen en op Haar nadrukkelijk en dringend verzoek, tot Myriam gericht begin januari 2019, roept het Maria Domina Animarum Werk daarom met klem op tot:
  • vlekkeloze, onvoorwaardelijke aanvaarding, respect en oprecht liefdevolle omgang tussen blanken en kleurlingen.
  • vlekkeloze, onvoorwaardelijke aanvaarding, respect en oprecht liefdevolle omgang tussen de etnische groepen binnen een land en wereldwijd.
  • vlekkeloze, onvoorwaardelijke aanvaarding, respect en oprecht liefdevolle omgang tussen de belijders van verschillende godsdiensten.
  • vlekkeloze, onvoorwaardelijke aanvaarding, respect en oprecht liefdevolle omgang tussen de leden van verschillende sociale en culturele lagen, klassen en groepen.
  • oprecht besef van de volkomen gelijkheid van de geslachten in Gods ogen, en dienovereenkomstig handelen.
  • oprecht liefdevolle en respectvolle behandeling jegens alle dieren, met inbegrip van onvoorwaardelijk respect voor hun natuurlijk leefmilieu.
  • onvoorwaardelijke en onverwijlde terugkeer naar een totale oriëntatie van alle harten op Gods Plannen en Werken van Liefde, tot wedergeboorte van een vlekkeloos begrip van de bedoelingen die God heeft met de grote verscheidenheid tussen al Zijn schepselen.

Dit alles met de doelstelling, het menselijk ras terug te brengen naar het ware beeld en gelijkenis van God, naar het aanvankelijk vermogen om zuivere spiegel te zijn van Gods Hart, van Zijn onvoorwaardelijke, niet-discriminerende, zelfverloochenende Liefde, en naar het aanvankelijk vermogen om God te vertegenwoordigen jegens alle medeschepselen.

Tot besluit een kleine overweging uit de onderrichting Het verlangen van de Eeuwige Liefde:

"Op elke mensenziel afzonderlijk rust de verantwoordelijkheid voor het herstel van het immense onevenwicht in de Schepping door een radicale ommekeer in het hart naar een volkomen beleving van de Liefde in al haar doen en laten en in haar diepste innerlijke gesteldheden: Liefde tot God en al Zijn Werken (o.a. de natuur) en Plannen (in de eerste plaats Zijn doelstelling tot grondvesting van Zijn Rijk op aarde), Liefde tot alle medemensen zonder onderscheid van ras, taal of cultuur, en Liefde tot alle andere medeschepselen, dit alles in het volle bewustzijn van het feit dat al het levende Gods handtekening draagt en daardoor Zijn zegen van Liefde heeft gekregen, en van het feit dat deze zegen zijn werking niet verliest door enige onvolmaaktheid of onverschilligheid van God, doch uitsluitend door de uitwerkingen van de duisternis in de mensenharten".

Myriam, januari 2019

"God heeft elk schepsel een waardigheid geschonken. De waardigheid van een mensenziel wordt bepaald door de mate waarin deze ziel door haar gedrag, haar innerlijke gesteldheden en haar bestrevingen beantwoordt aan de oneindige waarde die God aan haar hecht. De waardigheid van elk schepsel is zijn eigenheid, het feit dat het schepsel een bepaalde waarde heeft zoals het is, ongeacht zijn specifieke kenmerken. Het bezit deze waarde omdat het in Gods Intelligentie en Wijsheid is ontstaan om, precies zoals het is en niet anders, het Plan te dienen dat God met de Schepping beoogt.

Om deze reden zeg Ik je in waarheid, dat in Gods ogen de waardigheid van een mensenziel uiteindelijk wordt bepaald door de mate waarin deze ziel zich van harte, onvoorwaardelijk en spontaan met haar hele doen en laten en alle gesteldheden van haar hart inzet om de waardigheid van haar medeschepselen – medemensen én dieren – in stand te houden, te verdedigen en waar nodig te helpen herstellen. Hierdoor betuigt zij jegens haar Schepper haar verlangen dat Zijn hele Schepping moge beantwoorden aan de heiligheid, de Liefde, de Vrede, het Geluk en de harmonie die Hij erin heeft gelegd" (de Heilige Maagd Maria tot Myriam, maart 2020).

Op 16 augustus 2020 sprak de Hemelse Meesteres tot Myriam de volgende woorden als uitbreiding op Haar uiterst belangrijke permanente oproepen in verband met de instandhouding van de waardigheid van alle schepselen:

"Geen enkele kracht ontplooit een sterkere werking voor het verdrijven van alle duisternis uit de wereld en het breken van de effecten van haar werken dan verheerlijking aan God.

De grootste verheerlijking wordt God gebracht door een spontane, ononderbroken beleving van de zelfverloochenende Liefde jegens alle medeschepselen. Elk schepsel is een bouwwerk, ontworpen in het Hart van God. Om deze reden is elk schepsel – elke mensenziel, elk dier, elk element uit de levende natuur – drager van de handtekening van God Zelf. Deze Goddelijke handtekening vormt de aangeboren waardigheid van elk schepsel.

Daarom vormt elke schending van de waardigheid van een schepsel – in het bijzonder van de waardigheid van een mensenziel of van een dier – een ernstige belediging aan God en daardoor een bron van diepe duisternis die de ellende, de chaos, de ongerechtigheid, de algemene onvrede en het leed in de hele wereld vergroot bij elke gelegenheid waarbij een mensenziel een dergelijke schending begaat.

De waardigheid van mensenzielen en dieren wordt in het bijzonder geschonden door mishandeling, foltering, gewelddadigheid, misbruik, onverdraagzaamheid, vernedering en elke vorm van kwelling tegen een schepsel – mens of dier – en discriminatie tegen een medemens op grond van diens ras, geslacht, graad van scholing, levenscultuur, religieuze overtuiging of persoonlijke uiterlijke kenmerken.

Om deze reden stel Ik via Mijn Maria Domina Animarum Werk een onwrikbaar teken voor de strenge veroordeling van Gods wege van elke vorm van racisme, discriminatie, mishandeling, misbruik, foltering, vernedering, en bewuste vermindering van de levenskwaliteit vanwege mensenzielen jegens om het even welke medemens en om het even welk dier.

In Waarheid zeg Ik de zielen, dat God geen enkele mensenziel discrimineert. Zijn beoordeling van elke ziel is uitsluitend en alleen gebaseerd op de mate waarin deze op elk ogenblik van haar leven vruchtbaar is voor de vervulling van Zijn Heilsplan. Deze vruchtbaarheid wordt uitsluitend bepaald door de mate waarin zij de zelfverloochenende Liefde toepast jegens al haar medeschepselen en jegens God en Zijn Werken.

Ziehier de grote boodschap die Ik via Mijn Maria Domina Animarum Werk aan alle zielen wil brengen. De gouden weg naar de grootste bloei van de innerlijke gesteldheden die noodzakelijk zijn om deze boodschap in de hele wereld tot bloei te brengen is deze van de totale, onvoorwaardelijke en levenslange toewijding van elke mensenziel aan Mij, teneinde via de totale dienst aan Maria, volmaakt God toe te behoren en uitsluitend Zijn Werken van Liefde te beleven, te volbrengen en in de hele Schepping te verspreiden".


TOTUS TUUS, MARIA !

2. OPROEP VAN DE KONINGIN DES HEMELS
TOT DE CHRISTENEN VAN DE LAATSTE TIJDEN

aan hen gericht via Myriam van Nazareth

"Het christendom in deze Laatste Tijden zinkt weg in een moeras van passiviteit.

God wordt door zeer veel christenen beschouwd als een machine die er slechts is om wonderen te volbrengen voor hun werelds schijngeluk, en om hen na hun leven op aarde automatisch toe te laten tot de Eeuwige Gelukzaligheid.

Vanuit deze gesteldheid vervallen talloze christenen in een leven waarin zij slechts gebeden en Sacramenten opstapelen met als enig doel, voor zichzelf het Eeuwig Heil te verdienen, terwijl zij de enige weg die hen dit Eeuwig Heil automatisch kan verzekeren, verwaarlozen: de weg van een dagelijkse oprechte beleving van de Wet van de Ware Liefde, waarbij de ziel in alle omstandigheden van haar leven, in al haar contacten met medeschepselen zichzelf van harte verloochent opdat haar medeschepsel door haar hele zijnswijze en haar hele gedrag de warmte van Gods Tegenwoordigheid moge voelen.

Elke mensenziel heeft haar ene leven op aarde slechts gekregen om zich in alle omstandigheden en op elk ogenblik door al haar doen en laten, al haar woorden, al haar gedachten, gevoelens en bestrevingen en zelfs al haar diepste en meest verborgen gesteldheden van hart totaal en onvoorwaardelijk in dienst te stellen van de voltooiing van de Werken van Liefde die God onophoudelijk via de mensenzielen in Zijn Schepping wil volbrengen. Een ziel die zo leeft, helpt God, Zijn grote droom waar te maken: de grondvesting van Zijn Rijk van volmaakte Liefde, volmaakte Vrede en volmaakt Geluk voor alle schepselen op aarde in een wereld waarin geen spoor van duisternis, van ellende, leed, chaos en ongeluk meer in leven kan blijven, een wereld waarin de zonde geen kans meer krijgt.

Er is slechts één weg naar een dergelijke wereld: deze van een volhardende, spontane en onvoorwaardelijke toepassing van de ware zelfverloochenende Liefde door alle mensenzielen jegens alle medeschepselen en jegens God Zelf.

Christenen, Jezus Christus Zelf kijkt verlangend naar jullie harten, in de hoop, daarin tekenen van een nieuwe Lente te vinden, een Lente die slechts kan bloeien in de mate waarin jullie het zaad van de zelfverloochenende Liefde dat Hijzelf gedurende Zijn leven als de God-Mens, de Messias, de Verlosser, zo overvloedig heeft uitgestrooid, tot rijping brengen in de warmte van de oprechte Liefde zonder enig spoor van zelfzucht of eigenbelang. In het zaad van de zelfverloochenende Liefde van de Goddelijke Christus heeft Hijzelf met Zijn Bloed de kracht van het Goddelijk Leven gestort, opdat het de kiem moge leggen waaruit het door God bedoelde Paradijs op aarde moet bloeien nadat de Liefde van de Christus bruiloft heeft mogen sluiten met zoveel mogelijk mensenharten die Hem in hun eigen leven en hun eigen innerlijke gesteldheden actief, spontaan en uit eigen vrije wil getrouw navolgen.

De God der volmaakte Liefde herinnert jullie aan de roeping met dewelke Hij jullie in de wereld heeft gezonden: de roeping van elke christen, die eruit bestaat, de Verlossingswerken van de Christus eindelijk zichtbaar op aarde tot bloei te brengen, opdat de duisternis daadwerkelijk vanuit de mensenharten zelf definitief overwonnen moge worden en het moeras van ellende waarin deze wereld is weggezonken, voorgoed moge opdrogen onder de zon van de onvoorwaardelijke Liefde. Dit, en alleen dit, is ware navolging van Jezus Christus.

God wacht op jullie onvoorwaardelijke zelfverloochening en onverdroten dienst aan Zijn Plan tot grondvesting van Zijn Rijk op aarde door een beleving van niets anders dan de Ware Liefde jegens Hemzelf en alle schepselen zonder enig onderscheid, zonder enige discriminatie, en in een vlekkeloos respect voor de waardigheid die Hij elk schepsel heeft gegeven, want elk schepsel draagt de handtekening van Hem Die het in Zijn Hart heeft ontworpen, en is daarom in Zijn ogen drager van een leven dat heilig is en dat een welbepaalde rol te vervullen heeft binnen de voltooiing van Zijn onfeilbaar Heilsplan ten bate van de hele Schepping.

Houd niet langer vast aan een houding van passief afwachten tot God komt ingrijpen in de zware duisternis die op deze wereld drukt, daar Hij jullie een onschendbare vrije wil heeft gegeven en daarom slechts Zijn Werken zichtbaar kan maken in de mate waarin jullie zelf uit eigen beweging en vanuit een oprecht intens verlangen naar eenheid van hart met Hem, actief Zijn Wet van de Ware Liefde in toepassing brengen in elk detail van jullie leven.

Leef ook niet langer in de veronderstelling dat jullie de Eeuwige Gelukzaligheid automatisch zullen verwerven door een mechanische opstapeling van Sacramenten en gebeden. Deze zijn knopen die slechts dienen om de mantel van de Liefde te sluiten. Zonder een strikte beleving van de onvoorwaardelijke zelfverloochenende Liefde bezitten jullie zelfs geen mantel, waartoe dienen dan de knopen? Waarmee zullen jullie jullie ziel kleden zonder de enige mantel die bij haar past: deze van een Liefde die precies in overeenstemming is met deze welke Gods Zoon Jezus Christus jullie heeft voorgeleefd?

Christenen van deze Laatste Tijden, op jullie rust de heilige plicht, de onvolprezen Nalatenschap van de gekruisigde en verrezen Christus aan deze wereld eindelijk tot volle bloei te brengen. Eeuwenlang is deze Nalatenschap in hoge mate onvruchtbaar gebleven door de verwoestende inwerking van ongebreidelde zonde. Wees jullie er ten volle van bewust dat elke zonde niets anders is dan een niet-vervulling van de Wet van de Liefde. Ontelbare bloemen van heilige werken van Liefde van mensenzielen verwelken onder de gifwolk van miljarden overtredingen tegen de Wet van de Liefde, elke dag opnieuw.

Ik herinner jullie daarom met de grootste nadruk aan de allerheiligste les van de Christus Zelf tot definitieve Verlossing van de wereld uit de verscheurende klauwen van de satan: een beleving van een vlekkeloze zelfverloochenende Liefde in elke situatie, elke gebeurtenis, elk contact met medeschepselen, elke innerlijke beweging in de diepten van jullie harten, en dit alles op elk ogenblik van elke dag en elke nacht. Doe afstand van alle zelfzucht, alle jaloersheid, elke neiging om te leven voor de eigen Eeuwige Gelukzaligheid, elke oppervlakkige houding ten aanzien van elk element van jullie dagelijks leven, elke neiging om jullie zelf te maken tot rechter en heer over leven en dood van medeschepselen en over de kwaliteit van hun leven.

Leer jullie in alles bewust te worden van jullie roeping om elk ogenblik van jullie leven invulling te geven door God de kans te geven om Zijn Liefde erin uit te werken. Wees jegens elk medeschepsel elk ogenblik van elke dag een zonnestraal, een spiegel van Licht en een bron van geborgenheid, dienstbaarheid en oprechte vergevingsgezindheid, en herken de talloze gelegenheden in dewelke de duisternis dagelijks haar valstrikken verbergt om jullie in haar dienst te stellen. Leef niet in alles voor jullie wereldse behoeften doch voor de voltooiing van het Rijk Gods op aarde.

Ieder van jullie krijgt één leven om Gods Rijk op aarde te helpen grondvesten. Jullie kunnen deze levensopdracht, deze heilige missie als werktuig van God op aarde, slechts met vrucht voltooien volgens de maat waarin jullie elke dag opnieuw een positief verschil weten te maken voor elk medeschepsel waarmee jullie in aanraking komen, want God Zelf is het, Die Zijn schepselen met elkaar in aanraking zoekt te brengen opdat hun ontmoetingen de verwezenlijking van Zijn heilig Plan dichter bij haar vervulling zouden brengen. Dit kan slechts gebeuren in de mate waarin deze ontmoetingen actief door de mensenzielen worden vervuld met oprechte, onvoorwaardelijke Liefde die volkomen vrij is van elke zelfzuchtige beweegreden en van elk zelfzuchtig doel.

Leef daarom slechts voor de voltooiing van Gods Rijk op aarde, en het Geluk zal automatisch jullie deel worden, tijdens jullie aardse leven in een groeiende Vrede van hart, de Ware Vrede van Christus, en na dit aardse leven in een Eeuwige Gelukzaligheid die zelfs jullie stoutste verbeelding oneindig ver overtreft. Verlies dit alles geen ogenblik uit het oog, en jullie hart zal automatisch een steeds zuiverder spiegel van Gods Hart worden.

Christenen, op jullie stelt God Zijn hoop op de voltooiing van Zijn Heilswerk, dat is begonnen met Mijn Onbevlekte Ontvangenis, op volmaakte wijze is uitgewerkt in het Leven, de Passie, de Verrijzenis en de Hemelvaart van Mijn Goddelijke Zoon Jezus Christus, en dat nu in elk van jullie harten moet worden ontsloten opdat de volheid van Gods Licht de akkers der wereld moge bestralen tot voltooiing van de heilige oogst die het verloren paradijs tot zijn wedergeboorte moet brengen. De sleutel is jullie bekend, doch is ondanks het Goddelijk Voorbeeld van het Leven van de Christus op grote schaal verwaarloosd doordat talloze zielen hebben gekozen voor dienst aan de werken der duisternis – de oogst van zelfzucht, wraakzucht, wrok, haat, na-ijver, jaloersheid, ongebreidelde schending van de waardigheid van alle schepselen, en een leven voor wereldse belangen – in plaats van dienst aan de Werken van het Licht – de oogst van volkomen onzelfzuchtige Liefde, een spontane vergevingsgezindheid en een leven tot bevordering van het Geluk en welzijn van alle schepselen op aarde, opdat in de hele Schepping de handtekening zichtbaar moge worden van Diegene, Die haar heeft ontworpen doch Die sedert de erfzonde getuige moet zijn van onvoorstelbare schendingen van Zijn heilige Werken door de klauwen van miljarden toegevingen aan de inspiraties der duisternis, elke dag opnieuw gedurende vele eeuwen.

Herinner jullie daarom jullie enige levensdoel: levende tekenen te zijn van de heiligheid van de God van Liefde, in Wier Hart ieder van jullie is ontworpen. Dan zal Mijn Goddelijke Zoon niet vergeefs voor jullie Geluk en voor een Schepping vol Liefde en Vrede hebben geleden, en zal de geest van de Christus eindelijk deze wereld kunnen tonen, dat God niets dan Liefde is en daarom in elk mensenhart behoort te leven als de enige ware Bestemming van alle leven". (de Heilige Maagd Maria tot Myriam, 17 januari 2021)

De Koningin des Hemels laat in verband met deze Openbaring tevens verwijzen naar Haar hieronder vermelde inspiraties:

Het leven voorbij de avondzon

Hemels Gefluister van de Zetel van Wijsheid Thema Nr. 31


TOTUS TUUS, MARIA !

3. OPROEP TOT TOEPASSING VAN DE GODDELIJKE WET

Openbaring van de Meesteres van alle zielen, februari 2021

aan Myriam van Nazareth
"Ik geef elke mensenziel een gouden leidraad om haar te motiveren om te allen tijde in elk contact met elk medeschepsel de Ware Liefde te beleven:

Houd je vast voor ogen dat het medeschepsel vóór jou een bouwwerk van God is, dat is ontworpen in Gods Hart en slechts in leven is omdat het, precies zoals het is, een bepaalde rol te vervullen heeft voor de verwezenlijking van Gods Heilsplan ten bate van de hele Schepping. Behandel het daarom met zelfverloochenende, dienende Liefde en vlekkeloos respect vanwege zijn oorsprong in Gods Hart en vanwege het heilig doel waartoe het leeft". (Maria, Koningin des Hemels, 11 februari 2021)

"Ik leer de zielen steeds opnieuw dat ieder van hen slechts op aarde is om door haar hele leven de Goddelijke Wet te vervullen. Wat is deze Wet?

De Goddelijke Wet is de Wet van de Ware Liefde, die door de mensenzielen strikt moet worden vervuld om het hele netwerk van de Schepping te maken tot een spiegelbeeld van Gods Hart, zoals de Schepping in den beginne was.

Wat exact onder Ware Liefde moet worden verstaan, heb Ik de zielen reeds eerder onderricht. (zie de link helemaal onderaan deze Openbaring)

De Ware Liefde beleven, haar in toepassing brengen, betekent concreet, op een zodanige wijze met elk medeschepsel, dit wil zeggen met elke medemens én met elk dier, omgaan, dat dit medeschepsel het contact zo ervaart als ware God Zelf tegenwoordig met de hele atmosfeer van Zijn Wezen als Bron van de absoluut volmaakte Liefde.

God kan uit Zichzelf alles volbrengen, zonder de geringste beperking en in absolute volmaaktheid. Niettemin geeft Hij er de voorkeur aan om al Zijn Werken te voltrekken met actieve, bewuste en vrijwillige medewerking van mensenzielen. Hierdoor stelt Hij het ultieme Teken van Zijn absoluut volmaakte Liefde: Hij dringt de mensenzielen niets op, zelfs niet Zijn weldaden, doch verlangt uitdrukkelijke tekenen van hun eigen verlangen dat Zijn Plannen zich op aarde voelbaar zouden verwezenlijken.

God schiep de hele Schepping als een netwerk binnen hetwelk aanvankelijk alle elementen – alle schepselen – in volmaakte onderlinge harmonie samenleefden. Alles wat in Gods Hart wordt ontworpen, is volmaakt. Doordat Hij de mensenziel echter een vrije wil heeft geschonken, kan elke mensenziel het systeem van de Schepping alsook de onderlinge harmonie tussen de schepselen, of tussen bepaalde schepselen, vrij beïnvloeden.

God werkt dus in de hele Schepping via mensenzielen. Hij gebruikt de handen, monden, harten, geesten en de wil van mensenzielen om Zijn Liefde, die de Bron van alle Leven is en geladen is met Gods scheppende, verlossende en heiligende kracht, doorheen de Schepping te verspreiden. Dit betekent niets minder dan dat God elke mensenziel ononderbroken wil kunnen inzetten voor de omzetting van Zijn Wil om Zijn Schepping te doordringen met de volheid van Zijn Liefde, die de enige Bron van alle Leven, van alle bloei en, wat de mensenzielen zelf betreft, van alle heiliging is.

Zo wordt elke mensenziel door God verbonden met een stoffelijk lichaam om binnen de Schepping een levenslange opdracht te vervullen als werktuig ter verwezenlijking van Gods Wil. Deze opdracht bestaat aldus uit een individuele bijdrage tot de verwezenlijking van een toestand in dewelke het hele netwerk van de Schepping kan functioneren in volmaakte overeenstemming met de Goddelijke Wet van de Ware Liefde, opdat op grond van deze overeenstemming een volmaakte harmonie tussen alle schepselen in stand moge worden gehouden, respectievelijk deze volmaakte harmonie tot stand moge worden gebracht of moge worden hersteld waar de harmonie is verstoord.

Dergelijke verstoringen van de harmonie tussen de schepselen vertonen zich in het netwerk van de Schepping op ontelbare punten, op grond van talloze overtredingen die dagelijks door mensenzielen tegen de Goddelijke Wet van de Ware Liefde worden begaan via elk gebrek aan volmaakte, zelfverloochenende Liefde jegens één of meer medeschepselen. Gods Plan bestaat hierin, dat Zijn Wet van Ware Liefde zich in alle schepselen en in alle verbindingen tussen schepselen onderling vlekkeloos moge uitwerken, opdat de Schepping een volmaakt spiegelbeeld moge zijn van Zijn eigen Hart: een Paradijs van absoluut volmaakte Liefde, Vrede, Geluk en Gerechtigheid binnenin en tussen alle schepselen.

Dit Goddelijk Plan wordt sedert de erfzonde ononderbroken verijdeld door elke zonde die door mensenzielen wordt bedreven. Zonde is elke handeling, elk woord, elke gedachte, elk gevoel, elk verlangen en elke bestreving die elementen in zich draagt die niet van aard zijn om een vlekkeloze Liefde binnenin en tussen schepselen in stand te houden of te vergroten doordat deze elementen niet in overeenstemming zijn met Gods verlangens. Elke afwijking, vanwege een mensenziel, ten opzichte van Gods verlangens draagt bij tot het ontstaan, de instandhouding en de verergering van toestanden van chaos, ellende en leed in en tussen schepselen.

In voortzetting van Mijn eerdere oproepen tot het wekken van de zielen van deze Laatste Tijden voor het opnemen van hun heilige verantwoordelijkheid voor de grondige en definitieve zuivering van de Schepping van alle duisternis en van de effecten van alle godvijandige krachten, roep Ik daarom thans alle mensenzielen hoogdringend op tot een vlekkeloze toepassing van de Goddelijke Wet in al hun contacten en ontmoetingen, zowel de kortstondige als de meer regelmatige, met al hun medeschepselen zonder uitzondering. Hoe kan dit gebeuren? Ziehier de gouden praktische regels, die Ik tot elke individuele mensenziel richt:

1. Gebruik je handen zodanig, dat elke medemens en elk dier hen ervaart als werktuigen van tederheid, bescherming, zegen, genezende aanraking, bruggen van Gods geschenken van Liefde, en nooit als werktuigen van kwelling, bedreiging, onheil, vernedering, pijn, leed, beschadiging of vernietiging.

2. Gebruik je mond zodanig, dat elke medemens en elk dier hem ervaart als werktuig van zachte Liefde, begrip, bemoediging, Hoop en zalving, en als wegwijzer uit de duisternis naar het Ware Heil en naar bekering tot de Ware Liefde voor medemensen die dwalen en de werken der duisternis dienen, en nooit als werktuig van bedreiging, vernedering, verwonding, belastering of ontmoediging.

3. Gebruik je geest zodanig, dat elke medemens en elk dier hem kan ervaren als werktuig van gedachten die Gods Werken van Liefde op aarde helpen verwezenlijken, en nooit als werktuig voor het bedenken van middelen en wegen om schepselen te kwellen, leed en smart te berokkenen en dood, verderf, angst, schade, verwoesting en onheil over schepselen en over de wereld te helpen brengen.

4. Gebruik je hart zodanig, dat elke medemens en elk dier het kan ervaren als werktuig van Gods Liefde en als waterval van gevoelens van welzijn voor je hele leefomgeving, en nooit als werktuig van duisternis door het zaaien van openlijke of van verborgen gevoelens van haat, jaloersheid, wrok, wraakzucht, minachting, of door het verlangen om te vernederen, te ontwaardigen, te verwensen, of schade, leed of ongeluk toe te brengen of om te doden, en evenmin als bron van onverschilligheid, gevoelloosheid en zelfverheffing.

Besef te allen tijde dat zeer veel zegen en Licht, alsook zeer veel leed en duisternis, in het netwerk van Gods Schepping wordt gebracht vanuit het verborgene van mensenharten, en zelfs grotendeels vanuit aanhoudende gesteldheden van hart die hetzij positief hetzij negatief kunnen zijn. Om deze reden vormen vele mensenzielen bronnen van ononderbroken negatieve beïnvloeding van de Schepping als geheel: Zij komen in alle omstandigheden over als bruggen van duisternis.

5. Gebruik je wil zodanig, dat elke medemens en elk dier hem kan ervaren als werktuig voor de omzetting van Gods verlangens in concreet voelbare of waarneembare verbeteringen van het welzijn van individuele schepselen of van de wereld, en nooit als werktuig in dienst van de verwezenlijking van de plannen der duisternis om leed en verwoesting over de wereld of over individuele schepselen te brengen.

6. Gebruik je hele lichaam zodanig, dat elke medemens en elk dier het kan ervaren als een werktuig en brug van geborgenheid, zegen, weldaad, oprecht welbevinden, een belichaming van Gods onmiddellijke liefdevolle, Hoop en kracht gevende Tegenwoordigheid en werking, een spiegel van het Licht, de warmte en de Vrede uit Gods Hart, een bron van genezing voor medeschepselen in hun lichaam, in hun gevoelsleven, in hun vermogens om Liefde te benutten en te geven, en in alles wat in hen gekwetst, verzwakt of verziekt kan zijn.

Leef zodanig dat je met je hele wezen via elk contact, elke ontmoeting en elke relatie met elk medeschepsel dat je ooit op je levensweg vindt, ongeacht of dit contact, deze ontmoediging of deze relatie van korte of van langere duur is, een positief verschil kunt maken voor het leven en de ervaring van welzijn van dit medeschepsel, en voor diens staat van genade en Eeuwig Heil indien dit medeschepsel een mensenziel is.

Ik vraag uitdrukkelijk dat deze uitnodiging uit Mijn Hart, dat op elk ogenblik de diepste verlangens van onze Schepper en Ware God weerspiegelt, moge worden beschouwd als een rechtstreekse aanvulling op Mijn oproep tot instandhouding, bevordering en herstel van de waardigheid van alle schepselen (bestaande uit de permanente oproepen van januari 2019 en augustus 2020) en Mijn oproep tot de christenen van de Laatste Tijden (de permanente oproep van januari 2021). Deze oproepen samen behelzen de absoluut essentiële voorwaarden en de gouden sleutel tot de grondige en definitieve zuivering van de wereld uit alle ellende, chaos, leed, ongeluk en ongerechtigheid in en tussen alle schepselen van God.

Vergeet nooit dat je leven op aarde geen enkele andere zin en geen enkel ander doel heeft dan dit: op elk punt van je levensreis een werktuig te zijn voor de definitieve ontsluiting van de Werken van Liefde die God op aarde wil volbrengen. Dit doel wordt slechts bereikt in de mate waarin je jegens elk medeschepsel een kanaal van oprechte zelfverloochenende Liefde en dienstbaarheid weet te zijn, vanuit een zuiver hart dat slechts verlangt naar het welzijn van alle medeschepselen en van het onfeilbare Heilsplan van God tot grondvesting van Zijn Rijk van Liefde, Vrede, Geluk en Gerechtigheid op aarde, in een gesteldheid die de eigen vermeende belangen en behoeften te allen tijde ondergeschikt maakt aan de volbrenging van deze ene ware levensopdracht".

(Heilige Maagd Maria, Meesteres van alle zielen, aan Myriam in februari 2021)

In verband met het begrip Ware Liefde verwijzen wij naar De Ware Liefde.


TOTUS TUUS, MARIA !

4. KERNBOODSCHAP EN OPROEP VAN DE MEESTERES VAN ALLE ZIELEN

Buitengewoon dringende woorden van de Heilige Maagd Maria
op 2 september 2021

aan Myriam van Nazareth

"De wereld is zeer zwaar ten prooi aan ontelbare uitingen van ellende, leed, chaos, ongerechtigheid, oorlog, onvrede, mishandeling en uitbuiting, dit alles als gevolg van de talloze zonden die door alle mensenzielen van alle tijden tegen Gods Basiswet van de Ware Liefde zijn bedreven.

Gods Hart lijdt onbeschrijflijk onder al deze duisternis, die Zijn Schepping heeft veranderd in een rijk dat intens onder de macht van de satan is gekomen doordat de mensenzielen hun vrije wil vaker hebben gebruikt, en dit blijven doen, om de werken en plannen der duisternis te dienen dan om de Werken en Plannen van God te dienen.

Jezus Christus is in de wereld gezonden om het onderricht van Gods Wet opnieuw in de mensenharten te prenten, en om door Zijn Lijden en Kruisdood getuigenis af te leggen van de vernietigende macht van liefdevol aanvaard en gedragen lijden over alle duisternis, opdat het Rijk Gods van volmaakte Liefde, Vrede, Geluk en Gerechtigheid onder alle schepselen definitief op aarde zou kunnen worden gegrondvest, een Rijk waarin de uitwerkingen van alle duisternis, van alle zonden der mensheid, teniet zou zijn gedaan.

God beschouwt Zijn Werken en Plannen slechts als voltooid in de mate waarin mensenzielen bewust, actief, vrijwillig, spontaan en onvoorwaardelijk met Zijn Werken en Plannen meewerken. Elke mensenziel is uitsluitend en alleen op aarde om haar handen, haar mond, haar geest, haar hart en haar wil ter beschikking te stellen als werktuigen via dewelke God Zijn Werken en Plannen op aarde wil verwezenlijken. Om deze reden rekent God vast op ieder van jullie om de wereld uit zijn duisternis te bevrijden.

Gods Rijk kan niet op aarde worden gegrondvest, en alle ellende, leed, chaos, ongerechtigheid, oorlog, onvrede, mishandeling en uitbuiting en alle uitwerkingen en gevolgen van dit alles kunnen derhalve niet uit de wereld worden verdreven, tenzij zonder enig verder uitstel zoveel mogelijk mensenzielen de volgende verlangens van hun God resoluut zoeken te verwezenlijken in al hun gedragingen en tot in hun diepste, meest verborgen innerlijke gesteldheden, want ja, zelfs in jullie diepste gedachten, gevoelens en verlangens dienen jullie ongemerkt vaak de werken der duisternis en verdichten jullie daardoor de loodzware duistere wolken die de zon van Gods Liefde belemmeren om de atmosfeer van het leven in de wereld te verbeteren.

Ik richt tot elke ziel persoonlijk de volgende dringende aanbeveling, die ik wil betitelen als de twaalf geboden der volmaaktheid als mensenziel:

Lammetje van Christus,

1. Maak resoluut een eind aan elke vorm van lichamelijke, geestelijke of gevoelsmatige kwelling van medemensen en dieren. Deze werpen dag na dag wereldwijd miljarden schandvlekken op de mensheid, die door God was bedoeld als spiegel van Zijn volmaakt liefhebbend Hart.

2. Behandel spontaan en in alle situaties, omstandigheden, gebeurtenissen en contacten elk medeschepsel (medemens zowel als dier) met oprechte zachte Liefde, gevoeligheid en tact, en rekening houdend met eventuele zwakheden en gevoeligheden van elk medeschepsel, want elk schepsel heeft gevoelens, en is verbonden met Gods Hart, dat alles voelt.
Wees je er op elk ogenblik van bewust dat om deze reden God Zelf alles voelt wat je jegens om het even welk medeschepsel doet, zegt, en zelfs denkt of voelt, zowel negatief als positief, en dat dus alles wat je jegens om het even welk medeschepsel doet, zegt, denkt of voelt, je tevens rechtstreeks jegens God Zelf doet, zegt, denkt en voelt.

3. Maak resoluut een eind aan elke vorm van omgang of houding jegens elk medeschepsel (medemensen zowel als dieren) waardoor de waardigheid van dit schepsel als bouwwerk van God met een specifieke, zinvolle levensopdracht en rol binnen de Schepping voor de voltooiing van Gods Plan van Heil wordt aangetast, verminderd, miskend, bespot of teniet wordt gedaan.
Besef daarbij dat God met de specifieke aard van elk van Zijn schepselen een vaste bedoeling, een vast Plan heeft, en dat elk gebrek aan aanvaarding van de eigenheid van een medeschepsel daarom Gods Plan met Zijn Schepping tegenwerkt, een Plan dat uitsluitend een volmaakte harmonie en samenleving tussen alle schepselen beoogt, en daardoor een wereld vervuld van volmaakte Liefde, Vrede, Geluk en Gerechtigheid.
Telkens je ertoe bijdraagt dat een medemens of een dier in onwaardige omstandigheden moet leven, bevorder je een werk van duisternis dat Gods bedoelingen voor Zijn Schepping tegenwerkt. De duisternis gebruikt dagelijks wereldwijd ontelbare situaties van ontwaardiging van medeschepselen om de mensheid verder en verder van God te verwijderen, wat zich in de wereld uitwerkt in de bloei van vreselijke haarden van ellende.

4. Maak resoluut een eind aan elke discriminatie en minachting jegens medemensen van een ander ras, een andere huidskleur, een andere taal of een andere cultuur dan de jouwe. God beschouwt geen enkele mensenziel als minderwaardig ten opzichte van een andere.

5. Eén van de grootste vijanden van je eigen zielenleven alsook van de wereld als geheel is de gevoelloosheid, onverschilligheid ten aanzien van het lot, de ervaringen en de gevoelens van je medeschepselen (medemensen zowel als dieren). Eén van de grootste opdrachten van elke mensenziel bestaat hierin, dat zij zich vervolmaakt in de inleving in de gevoelens van al haar medeschepselen.
Stel je onophoudelijk voor, hoe jijzelf het lot of de levensomstandigheden van elk medeschepsel (medemens of dier) zou ervaren indien het jouw eigen lot of levensomstandigheden zouden zijn, en je zult een gezonde neiging ontwikkelen om tot het uiterste te gaan om elk ongemak, elk leed, elke vorm van gebrek in het leven van je medeschepselen te helpen bestrijden of verhinderen.
Zo zul je waarlijk worden tot een kanaal van Geluk, geborgenheid en voelbare Tegenwoordigheid van Gods Liefde voor elk medeschepsel, en kan in elk medeschepsel het vertrouwen in de mensenziel als Licht uit Gods Hart en als kanaal van oprechte Liefde worden hersteld. De angst en het wantrouwen van schepselen (mensen en dieren) voor de mensenziel is een grote schandvlek voor de mensheid.

6. Maak resoluut een eind aan elke neiging om de bevrediging van eigen behoeften en belangen die je meent te voelen, voorrang te geven op de behoeften en belangen van medeschepselen (medemensen zowel als dieren) die de ontwikkelingen van het leven op je weg brengt. God volgt met de grootste aandacht elke ontmoeting tussen elke mensenziel en elk medeschepsel op haar dagelijkse wegen, en beoordeelt de waarde en vruchtbaarheid van haar leven volgens de maat van zelfverloochenende Liefde die de ziel in elk van deze ontmoetingen opbrengt en de gevoelens van hetzij Geluk en Vrede, hetzij verwonding, die zij daardoor in het medeschepsel achterlaat alsook volgens de invloed die dit alles op de verdere ontwikkeling van dit medeschepsel heeft.

7. Hecht in alle situaties en omstandigheden van het leven meer waarde aan de waarden die nooit vergaan, de belangen van het Eeuwig Leven, dus alles wat rechtstreeks verband houdt met de vervulling van Gods Wet van de Ware Liefde, dan aan de stoffelijke dingen van het leven (materiële goederen en belangen, en geld en andere bronnen van materiële verrijking).
Elke klemtoon op de bevrediging van stoffelijke behoeften en belangen opent de weg naar de meest uiteenlopende vormen van zelfzucht, jaloersheid, hebzucht, en verwaarlozing van de noden van medeschepselen, en staat daarom lijnrecht tegenover de ware zin en doelstelling van je leven op aarde.

8. Maak resoluut een eind aan elke vorm van hoogmoed, verheffing van jezelf boven om het even welk medeschepsel (medemensen zowel als dieren) en elke jacht naar erkenning en naar belangrijk-lijken. Beschouw elk medeschepsel spontaan als belangrijker dan jezelf, in het besef dat God ook in elk van je medeschepselen leeft. Gedenk zonder ophouden het woord van Jezus "Wat gij voor de geringsten onder de Mijnen hebt gedaan of niet gedaan, hebt gij voor Mijzelf gedaan of niet gedaan". Besef daarbij dat, om volmaakt te worden, je 'de Mijnen' moet beschouwen als elk schepsel (mens en dier), want elk schepsel zonder uitzondering is ontworpen in het Hart van God.

9. Leef voortaan elk ogenblik van elke dag in het bewustzijn van Gods Tegenwoordigheid en werking in de Schepping en in je eigen leven. Zeer veel leed en ellende is in de wereld gekomen door de neiging van talloze zielen om te leven, te denken, te voelen en te verlangen alsof God niet bestaat. De vele dictaturen in de politieke geschiedenis zijn mogelijk gemaakt door hun beklemtoning van de mens en zijn stoffelijke belangen als middelpunt van het leven, waardoor zij goddeloze samenlevingen vormden.
Maak tevens resoluut een eind aan de neiging om God de schuld te geven voor alles wat niet naar wens verloopt in de wereld en in je eigen leven. Dit alles is niet de schuld van God, doch uitsluitend en alleen van de miljarden gelegenheden waarbij dag na dag mensenzielen overal ter wereld hun vrije wil gebruiken op een wijze die nooit door God is bedoeld noch verlangd, doch Hem integendeel zeer zwaar grieft en Zijn volmaakte Liefde schaamteloos tart.

10. laat je niet langer zo gemakkelijk negatief stemmen jegens een medeschepsel (medemens of dier). Zoek in elk medeschepsel in de eerste plaats naar positieve trekken en investeer de grootst mogelijke Liefde in elk contact met om het even welk medeschepsel, en je zult veel duisternis onwerkzaam maken, want in jou zal elke neiging tot wrok, wraakzucht en allerlei negatieve houdingen jegens medeschepselen geen kans meer krijgen. Zo zul je waarlijk een kanaal voor de stroming van Gods opbouwende en genezende Liefde doorheen de Schepping worden.

11. Leer dag na dag oog te hebben voor de talloze wonderen van het Leven die je kunt vaststellen in elke medemens, in elk dier, in elk element van plantengroei en natuur, want in dat alles zitten ontelbare tekenen van Gods Liefde voor Zijn Schepping verborgen. Besef daarbij dat alles wat de wereld ontsiert, lelijk en ziek maakt en niet verheffend werkt op ziel en hart, niet van God komt, doch van elke menselijke inmenging in Zijn volmaakte Werken.

12. Vervolmaak je in een spontaan uiterst respect voor de natuur en het leefmilieu. Lever geen enkele bijdrage tot schending van de harmonie in de plantengroei, noch tot vervuiling van lucht, water of bodem, noch tot het achteloos doden van dieren. Wees aldus geen instrument van de cultuur van dood en verwoesting, doch een instrument van de cultuur van het Leven, van opbouw en genezing. Besef daarbij onophoudelijk, dat de enige duurzame genezende en opbouwende kracht in de Schepping de zelfverloochenende Liefde is, die geen enkele grens trekt volgens de aard van het medeschepsel jegens hetwelk zij wordt toegepast.

Ziedaar de twaalf geboden der volmaaktheid als mensenziel. Besef goed dat vele deugden en ondeugden die Ik in deze geboden niet letterlijk heb vermeld, eveneens in deze geboden verborgen zitten. Volgens de maat van de openheid van de ziel voor Mijn innerlijke leiding zal de Heilige Geest haar in elke situatie, gebeurtenis, omstandigheid en ontmoeting op haar levensweg het gehalte van Licht of duisternis laten voelen, die erin werkzaam zijn.

Ziehier de basisregel, waarvan Ik met de grootste nadruk elke ziel om strikte naleving vraag:

Leef je leven zodanig, dat je voor elk medeschepsel, medemens zowel als dier, op elk ogenblik, in elke situatie, in alle omstandigheden en in elk contact op je levensweg een bron van Licht, warmte, geborgenheid, innerlijke Vrede en Geluk kunt zijn, zodat je, in vervulling van de allereerste levensopdracht die God elke mensenziel geeft, de Tegenwoordigheid en werking van de God van volmaakte Liefde voor elk medeschepsel voelbaar kunt maken.

In de mate waarin je dit met volharding en spontaan weet te doen, zul je Licht brengen over je eigen eeuwig Zielenheil evenals over de hele Schepping, en zal je hele leven worden tot een steen in de fundering van Gods Rijk op aarde.

Voor geen enkel ander doel ben je hier op aarde dan om deze basisregel te vervullen.

Opdat de naleving van deze twaalf geboden waarlijk moge bijdragen tot het breken van de schandelijke macht van de duisternis in deze wereld en in talloze mensenzielen, beveel Ik elke mensenziel met de allergrootste nadruk en dringendheid aan, elke beproeving, elk ongemak, elke ziekte, elk leed en elk kruis dat zij in haar hele leven reeds heeft ervaren, momenteel ervaart en nog kan ervaren:

  • van harte zou aanvaarden,
  • in Liefde aan Mij zou opdragen in het oprecht verlangen dat dit alles moge worden ingezet als bouwmateriaal voor de grondvesting van Gods Rijk op aarde,
  • en voor zover zij ertegen heeft geprotesteerd, dat zij het nu nog in berouw over haar vroegere protest in oprechte Liefde aan Mij zou opdragen in het besef dat God met alle beproevingen in alle mensenlevens een bedoeling heeft: Hij veroorzaakt geen beproevingen, doch kan deze toelaten voor zover zij Zijn Plannen en Werken van Liefde in de Schepping kunnen helpen verwezenlijken. Dit kunnen zij slechts in de mate waarin zij worden aanvaard en gedragen in de geest van Jezus Christus Zelf: zonder verzet, in zelfverloochening, en in het oprecht verlangen dat zij mogen dienen tot het breken van de macht van de duisternis in de wereld. Precies daartoe heeft de Christus Zelf Zijn Lijden en Kruisdood aanvaard, gedragen en opgedragen.

Deze Openbaring schenk Ik aan de zielen in uitbreiding en uitdieping van Mijn Openbaring van 16 augustus 2020, omdat de toestand van de wereld Mij thans daartoe noodzaakt".

 

In opdracht van de Meesteres van alle zielen worden de woorden van 16 augustus 2020 en de erbij horende inleiding op deze plaats opnieuw aangehaald:

Openbaring over de door God verlangde levensfilosofie,
en derhalve
Basisboodschap van Maria Domina Animarum

Via dit Werk, dat rechtstreeks uit Haar Hart is geboren en uitsluitend uit ditzelfde Hart wordt gevoed, wil de Heilige Maagd Maria de mensenzielen onderrichten en vormen om hen te helpen, hun zoektocht naar het Ware Geluk op aarde te voltooien met volle vruchtbaarheid, zowel voor hun eigen Eeuwig Heil als voor de definitieve grondvesting van Gods Rijk van Ware Liefde en Ware Vrede tussen alle schepselen.

Op 16 augustus 2020 sprak de Hemelse Meesteres tot Myriam de volgende woorden als uitbreiding op Haar uiterst belangrijke permanente oproepen in verband met de instandhouding van de waardigheid van alle schepselen:

"Geen enkele kracht ontplooit een sterkere werking voor het verdrijven van alle duisternis uit de wereld en het breken van de effecten van haar werken dan verheerlijking aan God.

De grootste verheerlijking wordt God gebracht door een spontane, ononderbroken beleving van de zelfverloochenende Liefde jegens alle medeschepselen. Elk schepsel is een bouwwerk, ontworpen in het Hart van God. Om deze reden is elk schepsel – elke mensenziel, elk dier, elk element uit de levende natuur – drager van de handtekening van God Zelf. Deze Goddelijke handtekening vormt de aangeboren waardigheid van elk schepsel.
Daarom vormt elke schending van de waardigheid van een schepsel – in het bijzonder van de waardigheid van een mensenziel of van een dier – een ernstige belediging aan God en daardoor een bron van diepe duisternis die de ellende, de chaos, de ongerechtigheid, de algemene onvrede en het leed in de hele wereld vergroot bij elke gelegenheid waarbij een mensenziel een dergelijke schending begaat.

De waardigheid van mensenzielen en dieren wordt in het bijzonder geschonden door mishandeling, foltering, gewelddadigheid, misbruik, onverdraagzaamheid, vernedering en elke vorm van kwelling tegen een schepsel – mens of dier – en discriminatie tegen een medemens op grond van diens ras, geslacht, graad van scholing, levenscultuur, religieuze overtuiging of persoonlijke uiterlijke kenmerken.

Om deze reden stel Ik via Mijn Maria Domina Animarum Werk een onwrikbaar teken voor de strenge veroordeling van Gods wege van elke vorm van racisme, discriminatie, mishandeling, misbruik, foltering, vernedering, en bewuste vermindering van de levenskwaliteit vanwege mensenzielen jegens om het even welke medemens en om het even welk dier.

In Waarheid zeg Ik de zielen, dat God geen enkele mensenziel discrimineert. Zijn beoordeling van elke ziel is uitsluitend en alleen gebaseerd op de mate waarin deze op elk ogenblik van haar leven vruchtbaar is voor de vervulling van Zijn Heilsplan. Deze vruchtbaarheid wordt uitsluitend bepaald door de mate waarin zij de zelfverloochenende Liefde toepast jegens al haar medeschepselen en jegens God en Zijn Werken.

Ziehier de grote boodschap die Ik via Mijn Maria Domina Animarum Werk aan alle zielen wil brengen. De gouden weg naar de grootste bloei van de innerlijke gesteldheden die noodzakelijk zijn om deze boodschap in de hele wereld tot bloei te brengen is deze van de totale, onvoorwaardelijke en levenslange toewijding van elke mensenziel aan Mij, teneinde via de totale dienst aan Maria, volmaakt God toe te behoren en uitsluitend Zijn Werken van Liefde te beleven, te volbrengen en in de hele Schepping te verspreiden".